Commentaar van art. 11, WIB 92
| 11/0 | |
| 11/1 | |
| 11/2 | |
| 11/3 | |
| 11/4 | |
| 11/5 |
Nummer 11/0
Art. 11. - De inkomsten als omschreven in artikel 7, § 1, 1° en 2°, zijn, naar het geval, belastbaar ten name van de eigenaar, bezitter, erfpachter, opstalhouder of vruchtgebruiker van het goed.
Nummer 11/1
De inkomsten van verhuurde en niet verhuurde onroerende goederen die in België of in het buitenland zijn gelegen, zijn aan de PB onderworpen ten name van de verkrijger, dit is, naar gelang van het geval, de eigenaar, de bezitter, de erfpachter, de opstalhouder of de vruchtgebruiker van de belastbare goederen. [ De blote eigendom van een onroerend goed geeft daarentegen geen aanleiding tot een aan de PB onderworpen inkomen van onroerende goederen. ] Eenvoudshalve wordt in de commentaar op de inkomsten van onroerende goederen telkens van "belastingplichtige" gesproken, behalve waar het noodzakelijk blijkt een onderscheid te maken tussen de eigenaar van het goed en andere personen die op dat goed een recht bezitten (vruchtgebruiker, erfpachter, opstalhouder enz. - zie inzonderheid 10/3 tot 10/7).
Nummer 11/2
In geval van onverdeeldheid, moet iedere deelhebber in het onverdeelde slechts de quotiteit van het inkomen van de onverdeelde eigendommen aangeven, dat met zijn aandeel in de eigendom, in het vruchtgebruik enz., overeenstemt.
IV. WEERSLAG VAN DE INDEXATIE VAN DE KI'S
Nummer 11/3
Wanneer het KI ingevolge onverdeeldheid over verschillende deelhebbers moet worden gesplitst, moeten eerst de niet-geïndexeerde gedeelten worden vastgesteld en moeten die gedeelten vervolgens afzonderlijk worden geïndexeerd en afgerond.
V. WEERSLAG VAN DE VERHOGING VAN DE KI'S
Nummer 11/4
Wanneer de verhoging met 40 % moet worden toegepast (zie 7/4.2, 7/9.1 en 7/17.3), is zij van toepassing op het (de) overeenkomstig 11/3 vastgestelde, geïndexeerde en afgeronde gedeelte(n) van het KI.
Nummer 11/5
Terzake wordt verwezen naar 13/10 en inzonderheid naar voorbeeld 11.
