Commentaar van art. 401, WIB 92
Art. 401, WIB 92
| 401/0-1 | |
| 401/2 | |
| 401/3-42 | |
| 401/3 | |
| 401/4-5 | |
| 401/6-35 | |
| 401/36-40 | |
| 401/41-42 |
Nummer 401/0
Art. 401. - De registratie als aannemer en de schrapping ervan worden verricht onder de voorwaarden, in de gevallen en volgens de modaliteiten die de Koning bepaalt. Daartoe kan de Koning inzonderheid besluiten tot de oprichting van commissies, waarvan Hij de opdracht, de samenstelling en de werking bepaalt.
De registratiebeslissingen worden gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad; ze geven duidelijk de toegelaten categorieën van werken en de categorie van het aantal werknemers aan die de aannemer mag tewerkstellen.
Nummer 401/1
Zie algemene opmerking in 400/1. Het 2e lid van art. 401, WIB 92 is nog niet in werking getreden (zie art. 56, programmawet 6.7.1989, Bull. 686, blz. 1704).
II. ART. 2 TOT 21, KB 5.10.1978
Nummer 401/2
Voorafgaande opmerking : Het art. 1 (KB 5.10.1978) waarvan meermaals sprake is in de navolgende artikelen is in extenso, samen met de bijlage bij dat KB, opgenomen onder 400/2.
HOOFDSTUK II
Registratie als aannemer
Eerste afdeling - Voorwaarden waaraan moet worden voldaan om als aannemer geregistreerd te kunnen worden
Draagwijdte van de registratie
Eerste onderafdeling - Normale regeling
Art. 2. § 1. De registratie als aannemer voor de toepassing van de in artikel 1 genoemde bepalingen wordt slechts verleend aan aannemers die voldoen aan de navolgende voorwaarden :
1° indien het een natuurlijke persoon betreft, gevestigd zijn in België of in een andere Lid-Staat van de Europese Gemeenschappen; indien het een rechtspersoon betreft, opgericht zijn in overeenstemming met de Belgische wetgeving of met die van een andere Lid-Staat van de Gemeenschappen, en zijn maatschappelijke zetel, zijn voornaamste inrichting of zijn zetel van bestuur of beheer binnen die gemeenschappen hebben;
2° voor een in artikel 1 bedoelde werkzaamheid ingeschreven zijn in het handelsregister of in het beroepsregister volgens de eisen van de wetgeving van de Lid-Staat waar zij zijn gevestigd;
3° in België geregistreerd zijn als belastingplichtige voor de toepassing van de belasting over de toegevoegde waarde;
4° in voorkomend geval, ingeschreven zijn als werkgever volgens de eisen van de wetgeving van de Lidstaat waar zij zijn gevestigd;
5° niet in staat van faillissement verkeren, noch het voorwerp zijn van een procedure tot faillietverklaring of soortgelijke;
6° niet het voorwerp zijn van een verbod om persoonlijk of door een tussenpersoon enig koopmansbedrijf uit te oefenen, krachtens het koninklijk besluit nr. 22 van 24 oktober 1934, waarbij aan bepaalde veroordeelden en aan de gefailleerden verbod wordt opgelegd bepaalde ambten, beroepen of werkzaamheden uit te oefenen en waarbij aan de rechtbanken van koophandel de bevoegdheid wordt toegekend dergelijk verbod uit te spreken;
7° indien het gaat om een vennootschap, onder de beheerders, zaakvoerders of personen die bevoegd zijn om de vennootschap te verbinden, geen personen tellen aan wie het uitoefenen van dergelijke functies verboden is krachtens het in 6° genoemd koninklijk besluit nr. 22, van 24 oktober 1934;
8° tijdens de periode van vijf jaar voorafgaand aan de aanvraag tot registratie niet aansprakelijk gesteld zijn voor de verbintenissen of schulden van een gefailleerde vennootschap, bij toepassing van de artikelen 35, 6°, 63ter, 123, eerste lid, 7°, of 133bis, van de gecoördineerde wetten op de handelsvennootschappen;
9° op het ogenblik van de aanvraag tot registratie, niet op ernstige wijze in overtreding zijn met de wettelijke en reglementaire bepalingen in verband met de uitoefening van de werkzaamheid ten aanzien waarvan de registratie gevraagd wordt;
10° tijdens de periode van vijf jaar voorafgaand aan de aanvraag tot registratie, niet herhaaldelijk of op ernstige wijze in overtreding zijn geweest op het stuk van de fiscale verplichtingen, op het stuk van de verplichtingen aan de werkgevers opgelegd door de in artikel 1 genoemde wet van 27 juni 1969, of op het stuk van de wettelijke en reglementaire bepalingen in verband met de uitoefening van de werkzaamheid ten aanzien waarvan de registratie gevraagd wordt;
11° op het ogenblik van de aanvraag tot registratie geen achterstallige bedragen verschuldigd zijn als belastingen, als bijdragen te innen door de Rijksdienst voor Maatschappelijke Zekerheid of als bijdragen te innen door of voor rekening van de Fondsen voor bestaanszekerheid; de bedragen waarvoor een afbetalingsplan bestaat en nageleefd wordt, worden niet als achterstallige bedragen aangemerkt;
12° voldoende financiële, administratieve en technische middelen hebben om het naleven van fiscale en sociale verplichtingen te waarborgen.
§ 2. De registratie als aannemer wordt eveneens verleend aan tijdelijke verenigingen waarvan de deelgenoten voldoen aan de in § 1 gestelde voorwaarden.
§ 3. De registratie als aannemer wordt eveneens verleend aan erkende beschermde werkplaatsen en aan "entreprises d'apprentissage professionnel agréées" die voldoen aan de voorwaarden van § 1, 1°, 3°, 4°, 10° wat de fiscale verplichtingen en de verplichtingen van werkgevers betreft, 11° en 12°.
Art. 3. § 1. De registratie wordt verleend voor die werkzaamheid of werkzaamheden welke de aannemer werkelijk uitoefent of zich voorneemt werkelijk uit te oefenen.
§ 2. Daartoe worden de geregistreerde aannemers ingedeeld in de categorieën aangeduid in de bijlage bij dit besluit.
§ 3. Een aannemer kan in verscheidene categorieën geregistreerd worden.
Onderafdeling 2 - Overgangsregeling
Art. 4. Zij die sedert 1 januari 1972 ononderbroken in België een in artikel 1 bedoelde werkzaamheid uitoefenen, worden slechts als aannemer geregistreerd indien zij voldoen aan de in artikel 2, § 1, 1°, 5°, 9°, 10° en 11°, bedoelde voorwaarden en bovendien sedert 1 januari 1972 :
1° ononderbroken voor een in artikel 1 bedoelde werkzaamheid ingeschreven zijn in het handelsregister of in het beroepsregister volgens de eisen van de wetgeving van de Lid-Staat waar zij zijn gevestigd;
2° ononderbroken in België geregistreerd zijn als belastingplichtige voor de toepassing van de belasting over de toegevoegde waarde;
3° in voorkomend geval, ononderbroken ingeschreven zijn als werkgever volgens de eisen van de wetgeving van de Lid-Staat waar zij zijn gevestigd.
Art. 5. De bij toepassing van artikel 4 verleende registratie geldt voor het geheel van de in artikel 1 bedoelde werkzaamheden.
Afdeling 2 - Schrapping van de registratie
Art. 6. Ongeacht of de registratie werd verleend bij toepassing van artikel 2 dan wel bij toepassing van artikel 4, kan de in afdeling 4 hierna bedoelde registratiecommissie in de navolgende gevallen beslissen dat de registratie geschrapt wordt :
1° wanneer blijkt dat de registratie verleend werd op grond van door de betrokkene verstrekte onjuiste of onvolledige inlichtingen of verklaringen;
2° wanneer, na de aanvraag tot registratie, zich een feit voordoet dat een beletsel zou zijn geweest voor het verlenen van de registratie bij toepassing van artikel 2 mocht het zich tevoren hebben voorgedaan, en inzonderheid wanneer de betrokkene zich komt te bevinden in een der omstandigheden bedoeld in artikel 2, § 1, 5° tot 8°;
3° wanneer de betrokkene nalaat gegevens nodig voor de berekening van de bijdragen voor sociale zekerheid, binnen de voorgeschreven termijnen aan de bevoegde instellingen te bezorgen volgens de voorschriften van het betrokken land;
4° wanneer de betrokkene ten achteren is met de betaling van lonen of van belastingen, voorheffingen, sociale bijdragen of voorschotten op die bijdragen, waarvoor geen afbetalingsplan bestaat of waarvoor het afbetalingsplan niet wordt nageleefd;
5° wanneer ernstige tekortkomingen worden vastgesteld in het bijhouden van de sociale documenten;
6° wanneer uit een geheel van omstandigheden blijkt dat er een ernstig gevaar bestaat dat de betrokkene zijn fiscale of sociale verplichtingen niet zal nakomen;
7° wanneer het bepaalde in artikel 13 van dit besluit niet wordt nageleefd;
8°... (ingevoegd door KB 8.10.1985 -V 1808-, dat werd ingetrokken door KB 12.12.1992 -V 2150);
9° wanneer de betrokkene het bepaalde in de artikelen 30ter van voormelde wet van 27 juni 1969 en 299ter van het Wetboek van de inkomstenbelastingen en in de uitvoeringsbesluiten van die artikelen niet naleeft.
Art. 7. § 1. De registratie wordt geschrapt :
1° wanneer de betrokkene meer dan drie maanden ten achteren is met het indienen van zijn aangiften inzake bedrijfsvoorheffing, belasting over de toegevoegde waarde of sociale bijdragen;
2° wanneer blijkt dat hij bewust bedrijfsvoorheffing, belasting over de toegevoegde waarde of sociale bijdragen ontdoken heeft.
§ 2. De registratie wordt eveneens geschrapt wanneer de betrokkene de werkzaamheid waarvoor hij geregistreerd is stopzet.
Afdeling 3 - Aanvraag tot registratie
Mededelingsplicht van de geregistreerde aannemers
Eerste onderafdeling - Aanvraag tot registratie in de normale regeling
Art. 8. § 1. Om als aannemer geregistreerd te worden moet een aanvraag worden ingediend bij de in afdeling 4 hierna bedoelde registratiecommissie.
§ 2. De aanvraag tot registratie wordt, bij een ter post aangetekend schrijven, gericht tot de voorzitter van de commissie van de provincie waar de voornaamste bedrijfszetel van de aanvrager gevestigd is.
Is de aanvrager een niet-rijksinwoner of een rechtspersoon die zijn maatschappelijke zetel, zijn voornaamste inrichting of zijn zetel van bestuur of beheer niet in België heeft, dan dient hij de aanvraag in bij de commissie van de provincie waar zijn voornaamste Belgische inrichting gelegen is. Als Belgische inrichtingen worden beschouwd, zelfs bij gebreke van elke vertegenwoordiging bekwaam om de buitenlandse onderneming te verbinden, de zetels van werkelijk bestuur, bijhuizen, fabrieken, werkhuizen, werkplaatsen, agenturen, magazijnen, burelen, laboratoria, aan- of verkoopkantoren, depots, zomede alle vaste inrichtingen van produktieve aard, daaronder begrepen de bouwplaatsen ongeacht de duur van de werkzaamheden.
Art. 9. De aanvraag tot registratie geschiedt door middel van een formulier waarvan het model wordt vastgesteld door de Directeur-generaal van de directe belastingen. De aanvraag wordt ondertekend door de aanvrager of door zijn wettelijke of statutaire lasthebber.
Art. 10. § 1. Bij de aanvraag dienen, op straffe van niet-ontvankelijkheid, de navolgende stukken te worden gevoegd :
1° door natuurlijke personen :
a) een bewijs waaruit blijkt dat de in artikel 2, § 1, 1°, gestelde voorwaarde vervuld is;
b) een uittreksel uit het strafregister;
2° door rechtspersonen :
a) een afschrift van de oprichtingsakte zoals die tot op de datum van de aanvraag is gewijzigd;
b) enig document waaruit blijkt dat de in artikel 2, § 1, 1° gestelde voorwaarde vervuld is;
c) een lijst met de namen van de beheerders, de zaakvoerders en de personen die bevoegd zijn om de rechtspersonen te verbinden;
d) een uittreksel uit het strafregister ten name van de in litt. c bedoelde personen;
3° door iedere aanvrager : een afschrift van de inschrijving in het beroepsregister volgens de eisen van de wetgeving van het land waar hij gevestigd is;
- voor België het "Handelsregister" - "Registre du commerce";
- voor Duitsland het "Handelsregister" en de "Handwerkersrolle";
- voor Frankrijk het "Registre du commerce" en het "Répertoire des métiers";
- voor Italië het "Registro della Camera di commercio, industria, agricoltura e artigianato" en het "Registro delle commissionni provinciali per l'artigianato";
- voor Luxemburg het "Registre aux firmes" en de "Rôle de la Chambre des métiers";
- voor Nederland het "Handelsregister";
- voor Denemarken de "Aktieselskafregistret", "Foreningsregistret" of "Handelsregistret";
- voor het Verenigd Koninkrijk en Ierland, een getuigschrift van de "Registrar of Companies" waaruit blijkt dat de firma is "incorporated";
- voor Griekenland het "Emporiko mitroo";
- voor Spanje het "Registro provincial de commercio" of het "Registro provincial industrial"; voor de rechtspersonen is bovendien een bewijs van hun inschrijving in het "Registro mercantil" vereist;
- voor Portugal het "Registro nacional das pessoas collectivas";
4° door de aanvrager-werkgever :
a) een bewijs van de inschrijving als werkgever bij de bevoegde overheid volgens de eisen van de wetgeving van het land waar hij gevestigd is :
- voor België "De Rijksdienst voor Maatschappelijke Zekerheid" "l'Office national de Sécurité sociale";
- voor Duitsland "Ortskrankenkasse" of "Bundesversiche- rungsanstalt fur Angestellte";
- voor Frankrijk "Caisse primaire d'assurance-maladie;
- voor Italië "Instituto nazionale per l'assicurassione contro la malattie";
- voor Luxemburg "Inspection générale de la sécurité sociale";
- voor Nederland "Sociale Verzekeringsraad";
- voor Denemarken "Sikringsstyrelsen";
- voor Groenland "Ministeriet for Gronland ";
- voor het Verenigd Koninkrijk "Department of Health and Social Security - Overseas Group" of "Department of Health and Social Security for Northern Ireland - Overseas Branch";
- voor Ierland "Department of Social Welfare";
- voor Griekenland "Tameio Asfalisros Epaguelmation ke Biotechnon Ellados (TEBE);
- voor Spanje "Instituto Nacional de la Seguridad Social";
- voor Portugal "Caxa de Securanza Social";
b) een bewijs van aansluiting bij een verzekeringsorganisme voor de aansprakelijkheid van de werkgever inzake arbeidsongevallen;
5° door de in artikel 8, § 2, tweede lid, bedoelde aanvrager : attesten afgeleverd door de bevoegde overheid van de Lid-Staat waar hij gevestigd is en waaruit blijkt dat hij in die Lid-Staat geen achterstallige belastingen of sociale bijdragen verschuldigd is;
6° door erkende beschermde werkplaatsen en "entreprises d'apprentissage professionnel agréées" : het bewijs van hun erkenning door de bevoegde instanties.
§ 2. De in afdeling 4 hierna bedoelde registratiecommissie kan aan de aanvrager vragen dat hij andere stukken voorlegt of gegevens verstrekt waarvan zij meent dat ze nuttig kunnen zijn om te beoordelen of de in artikel 2, § 1, gestelde voorwaarden vervuld zijn.
Onderafdeling 2 - Aanvraag tot registratie in de overgangsregeling
Art. 11. § 1. Zij die aanspraak wensen te maken op de registratie als aannemer bij toepassing van artikel 4, moeten vóór 1 december 1978 bij een ter post aangetekend schrijven een aanvraag indienen bij de Directeur-generaal van de directe belastingen.
§ 2. De in § 1 bedoelde aanvraag tot registratie geschiedt door middel van een formulier waarvan het model wordt vastgesteld door de Directeur-generaal van de directe belastingen. De aanvraag wordt ondertekend door de aanvrager of door zijn wettelijke of statutaire lasthebber.
Art. 12. Na onderzoek naar het vervuld zijn van de in artikel 4 vermelde voorwaarden wordt door of vanwege de Directeur-generaal van de directe belastingen beslist of de aanvraag al dan niet ingewilligd wordt.
Wordt de aanvraag afgewezen dan moet de beslissing met redenen omkleed zijn. Van die beslissing wordt aan de aanvrager kennis gegeven bij een ter post aangetekend schrijven. De betrokkene kan in dat geval een nieuwe aanvraag indienen bij de registratiecommissie overeenkomstig artikel 8.
De beslissing tot registratie wordt aan de aanvrager medegedeeld bij gewone brief.
Onderafdeling 3 – Mededelingsplicht van de geregistreerde aannemers
Art. 13. § 1. Iedere geregistreerde aannemer is verplicht de registratiecommissie van de provincie waar zijn voornaamste bedrijfszetel gevestigd is, of voor de in artikel 8, § 2, tweede lid, bedoelde aannemer, waar zijn voornaamste Belgische inrichting gelegen is, binnen vijftien dagen in te lichten :
1° wanneer hij zijn voornaamste bedrijfszetel of zijn voornaamste Belgische inrichting verplaatst, een wijziging aanbrengt in de benaming waaronder hij zijn werkzaamheid verricht, of die werkzaamheid stopzet;
2° ingeval het om een vennootschap gaat, wanneer ten gevolge van een overdracht van aandelen of deelbewijzen de werkelijke bestuursbevoegdheid van de onderneming in andere handen is overgegaan.
§ 2. Dezelfde verplichting rust op de geregistreerde aannemer-werkgever wanneer zijn personeelsbestand toeneemt in die mate dat hij in een andere categorie van werkgevers terechtkomt; voor de toepassing van deze bepaling worden de werkgevers in drie categorieën ingedeeld : van 1 tot 19 werknemers, van 20 tot 49 werknemers, 50 werknemers en meer.
§ 3. De aannemer die werkgever wordt na de indiening van zijn aanvraag tot registratie moet daarvan binnen vijftien dagen kennisgeven aan de bevoegde registratiecommissie. Die kennisgeving geldt als een nieuwe aanvraag tot registratie overeenkomstig artikel 8. In afwachting van een nieuwe beslissing van de commissie blijft de oorspronkelijke registratie van kracht.
§ 4. Wanneer een geregistreerde aannemer zijn werkzaamheid stopzet en die werkzaamheid voortgezet wordt door de echtgenoot of door een of meer erfgenamen of erfgerechtigden in de rechte lijn van die aannemer, moet degene die de werkzaamheid voortzet daarvan binnen vijftien dagen kennis geven aan de bevoegde registratiecommissie. Die kennisgeving geldt als een aanvraag tot registratie overeenkomstig artikel 8. In afwachting van een beslissing van de commissie wordt de oorspronkelijke registratie geacht geldig te blijven ten name van degene die de werkzaamheid voortzet.
§ 5. Wanneer de in artikel 10, § 1, 6°, bedoelde erkenning van een "entreprise d'apprentissage professionnel" wordt hernieuwd, moet het bewijs daarvan binnen vijftien dagen aan de bevoegde registratiecommissie worden voorgelegd.
Wanneer de in artikel 10, § 1, 6°, bedoelde erkenning wordt ingetrokken, moeten de beschermde werkplaatsen of de "entreprises d'apprentissage professionnel" daarvan binnen vijftien dagen kennis geven aan de bevoegde registratiecommissie.
Afdeling 4 - De registratiecommissie
Eerste onderafdeling - Opdracht en samenstelling van de registratiecommissie
Art. 14. Er wordt per provincie een registratiecommissie opgericht die tot opdracht heeft te beslissen over de overeenkomstig artikel 8 ingediende aanvragen tot registratie. In de provincie Brabant worden evenwel twee commissies opgericht waarvan de ene beslist over de aanvragen in het Nederlands en de andere over de aanvragen in het Frans. De voor de provincie Luik bevoegde commissie beslist in de taal van het dossier over de aanvragen in het Duits.
De registratiecommissie is ook bevoegd voor de schrapping van de registratie als bedoeld in de artikelen 6 en 7.
Art. 15. Bij het onderzoek naar het vervuld zijn van de in artikel 2 vermelde voorwaarden of naar de omstandigheden die aanleiding kunnen geven tot de schrapping van de registratie overeenkomstig de artikelen 6 en 7, kan de registratiecommissie een beroep doen op de medewerking van de ambtenaren van het Ministerie van Sociale Voorzorg, het Ministerie van Financiën en het Ministerie van Tewerkstelling en Arbeid.
Art. 16. § 1. Iedere registratiecommissie bestaat uit negen leden volgens de hierna vermelde modaliteiten door Ons benoemd :
1° drie leden-ambtenaren worden benoemd respectievelijk op voorstel van :
a) de Minister van Sociale Voorzorg;
b) de Minister van Financiën;
c) de Minister van Tewerkstelling en Arbeid;
2° drie leden worden op voorstel van de representatieve werkgeversorganisaties uit het bouwbedrijf benoemd;
3° drie leden worden op voorstel van de representatieve werknemersorganisaties uit het bouwbedrijf benoemd.
Volgens dezelfde modaliteiten worden er ten minste negen plaatsvervangende leden benoemd.
De leden en de plaatsvervangende leden worden benoemd voor een periode van vijf jaar; hun mandaat is hernieuwbaar.
§ 2. Iedere commissie wordt voorgezeten door een der in § 1, 1°, a en b, bedoelde ambtenaren, daartoe door Ons benoemd op voorstel van de twee aldaar genoemde Ministers.
§ 3. De in § 1, 2° en 3°, bedoelde leden leggen de navolgende eed af in handen van de voorzitter :
"Ik zweer mij in volle onpartijdigheid van mijn opdracht te kwijten en de beraadslagingen waaraan ik deelneem geheim te houden".
§ 4. Het secretariaat van de registratiecommissies wordt verzorgd door het Ministerie van Financiën.
De zetel van de registratiecommissies wordt gevestigd in een door de Minister van Financiën te bepalen plaats.
§ 5. De leden en de plaatsvervangende leden van de registratiecommissies en de ambtenaren die het secretariaat ervan verzorgen, zijn verplicht tot de meest volstrekte geheimhouding aangaande alle zaken waarvan ze wegens de uitvoering van hun mandaat kennis hebben.
De artikelen 66, 67 en 458 van het Strafwetboek zijn van toepassing op de schending van het in het vorige lid bedoelde geheim.
§ 6. De registratiecommissie wordt in rechte vertegenwoordigd en treedt op door haar voorzitter.
Onderafdeling 2 - Beslissing over de aanvraag tot registratie
Art. 17. § 1. Na onderzoek naar het vervuld zijn van de in artikel 2 vermelde voorwaarden beslist de registratiecommissie of de aanvraag al dan niet ingewilligd wordt.
§ 2. De registratiecommissie kan slechts geldig zitting houden indien ten minste vijf leden aanwezig zijn. Bij afwezigheid van de voorzitter wordt de commissie voorgezeten door de oudste in leeftijd van de aanwezige leden-ambtenaren.
De beslissingen van de commissie worden genomen bij gewone meerderheid van stemmen van de aanwezige leden. In geval van staking van stemmen is de stem van de voorzitter doorslaggevend.
§ 3. Wordt de aanvraag afgewezen dan moet de beslissing met redenen omkleed zijn.
Onderafdeling 3 - Beslissing tot schrapping
Art. 18. De beslissing tot schrapping van een voorheen door haar of door of vanwege de Directeur-generaal van de directe belastingen verleende registratie wordt door de registratiecommissie genomen op het zien van een gemotiveerd verzoekschrift ingediend door of vanwege een der in artikel 16 genoemde ministers of door een der in de commissie vertegenwoordigde organisaties.
Het bepaalde in artikel 17, § 2, is ten deze van toepassing. De beslissing tot schrapping moet met redenen omkleed zijn.
Onderafdeling 4 - Kennisgeving van de beslissing van de registratiecommissie Verhaal
Art. 19. § 1. Van de beslissingen van de registratiecommissie genomen overeenkomstig de artikelen 17 en 18 wordt aan de betrokkene kennis gegeven bij een ter post aangetekend schrijven.
§ 2. Na die kennisgeving is de beslissing van de registratiecommissie uitvoerbaar bij voorraad niettegenstaande elke aangewend rechtsmiddel.
§ 3. De beslissing van de registratiecommissie wordt definitief indien binnen tien dagen na de in § 1 bedoelde kennisgeving geen verhaal is ingesteld door de betrokkene of door of vanwege de Minister van Sociale voorzorg, door of vanwege de Minister van Financiën of door of vanwege de Minister van Tewerkstelling en Arbeid.
Onverminderd het bepaalde in § 2, kan de betrokkene, binnen tien dagen na de in § 1 bedoelde kennisgeving, bij een ter post aangetekend schrijven, aan de commissie vragen om te worden gehoord, hij kan zich bij het gehoor door een raadsman laten bijstaan. In dat geval bevestigt of herziet de commissie haar beslissing overeenkomstig het bepaalde in artikel 17, § 2, en gaat de in het eerste lid vermelde verhaaltermijn van tien dagen slechts in op de dag waarop de betrokkene kennis is gegeven van die bevestiging of herziening.
§ 4. Het verhaal wordt gebracht voor de rechtbank van eerste aanleg conform de algemene bevoegdheid welke aan deze rechtbank wordt toegekend door artikel 568 van het Gerechtelijk Wetboek.
Afdeling 5 - Publiciteit van de registratie en van de schrapping
Art. 20. § 1. In het Belgisch Staatsblad worden bekendgemaakt :
1° de in artikel 12 bedoelde beslissingen tot registratie;
2° de beslissingen tot registratie of tot schrapping waarvan kennis is gegeven op de in artikel 19, § 1, bedoelde wijze;
3° het beschikkend gedeelte van de in kracht van gewijsde gegane uitspraken over het verhaal bedoeld in artikel 19, § 4.
§ 2. De schrapping van een voorheen verleende registratie heeft tegenover derden slechts uitwerking met ingang van de tiende dag na de bekendmaking ervan.
Art. 21. Door of vanwege de Minister van Financiën worden lijsten opgesteld met de geregistreerde en de geschrapte aannemers die op de door of vanwege de Minister te bepalen plaatsen ter inzage zullen liggen van de belanghebbenden.
Nummer 401/3
Ondernemers -zowel rechtspersonen als natuurlijke personen alsmede tijdelijke verenigingen- die de bedoelde werkzaamheden verrichten, kunnen hetzij in de overgangsregeling geregistreerd zijn als aannemer, hetzij in de normale regeling worden geregistreerd als aannemer.
B. REGISTRATIE IN DE OVERGANGSREGELING
Nummer 401/4
Zij die sedert 1.1.1972 tot 1.12.1978 ononderbroken in België een bedoelde werkzaamheid uitoefenden, konden onder bepaalde voorwaarden, op hun verzoek, volgens de overgangsprocedure worden geregistreerd. De beslissing tot registratie werd genomen door of vanwege de Directeur-generaal van de directe belastingen.
Nummer 401/5
De aldus verleende registratie geldt voor het geheel van de in art. 1, KB 5.10.1978 bedoelde werkzaamheden. Dat betekent dat iemand die geregistreerd is in de overgangsregeling, geen nieuwe registratieaanvraag moet indienen als hij later zijn werkzaamheid uitbreidt (bv. een schilder-behanger die ook glazenmaker wordt).
De registratie in de overgangsregeling geeft de aannemer nochtans niet het recht om een werkzaamheid uit te oefenen die hem krachtens andere wettelijke bepalingen (bv. inzake de toelating tot sommige beroepen) verboden is.
C. REGISTRATIE IN DE NORMALE REGELING
Nummer 401/6
In de normale regeling geldt de registratie enkel voor die werkzaamheid of werkzaamheden waarvoor ze werd verleend (zie daaromtrent de 28 categorieën vermeld in de bijlage bij het KB 5.10.1978, opgenomen in 400/2).
Een vennootschap die bv. werd opgericht met als werkzaamheid het verrichten van schilder- en behangwerk en als dusdanig geregistreerd is in de categorie 22, moet een nieuwe aanvraag tot registratie in de categorie 21 indienen als ze bv. later haar werkzaamheid uitbreidt tot glaswerken.
Nummer 401/7
De geregistreerde aannemers worden volgens de werkelijk uitgeoefende werkzaamheid ingedeeld in de categorieën 1 tot 28 vermeld in de bijlage bij het KB 5.10.1978.
Een aannemer kan in meer dan één categorie worden geregistreerd.
1. Voorwaarden
Nummer 401/8
De registratie als aannemer wordt slechts verleend aan natuurlijke personen gevestigd in België of in een andere Lid-Staat van de Europese Gemeenschappen en aan wettelijk opgerichte rechtspersonen die hun maatschappelijke zetel, hun voornaamste inrichting of hun zetel van bestuur of beheer binnen de Gemeenschappen hebben.
Nummer 401/9
Voor de in België gevestigde natuurlijke personen en de vennootschappen naar Belgisch recht wordt de registratie aan de volgende voorwaarden onderworpen :
1° ingeschreven zijn in het handels- of in het ambachtsregister voor een werkzaamheid die tot de werkingssfeer van art. 1, KB 5.10.1978 behoort (zie 400/2);
2° als BTW-belastingplichtige geregistreerd zijn;
3° indien de betrokkene personeel tewerkstelt, als werkgever ingeschreven zijn bij de R.S.Z.;
4° niet in staat van faillissement verkeren, noch het voorwerp zijn van een procedure tot faillietverklaring;
5° niet het voorwerp zijn van een verbod om persoonlijk of door een tussenpersoon enig koopmansbedrijf uit te oefenen;
6° voor vennootschappen, onder de beheerders, zaakvoerders, enz., geen personen tellen aan wie het uitoefenen van dergelijke functies verboden is;
7° tijdens de aan de aanvraag tot registratie voorafgaande 5 jaar :
- niet aansprakelijk gesteld zijn voor de verbintenissen of schulden van een gefailleerde vennootschap, wegens kennelijk ontoereikend kapitaal of kennelijk grove fout;
- niet herhaaldelijk of op ernstige wijze in overtreding zijn geweest op het stuk van de fiscale verplichtingen, van de verplichtingen van de werkgevers inzake sociale zekerheid en van de wettelijke en reglementaire bepalingen in verband met de uitoefening van de werkzaamheid waarvoor de registratie wordt gevraagd;
8° op het ogenblik van de aanvraag :
- niet op ernstige wijze in overtreding zijn met de wettelijke en reglementaire bepalingen in verband met de uitoefening van de werkzaamheid ten aanzien waarvan de registratie wordt gevraagd;
- geen achterstallige bedragen verschuldigd zijn als belastingen, als R.S.Z.-bijdragen of als bijdragen voor de fondsen voor bestaanszekerheid, afgezien van de bedragen waarvoor een afbetalingsplan bestaat dat wordt nageleefd;
9° voldoende financiële, administratieve en technische middelen hebben om het naleven van fiscale en sociale verplichtingen te waarborgen.
Dezelfde voorwaarden worden gesteld voor de in het buitenland gevestigde aannemers die voor registratie in aanmerking komen; bovendien moet de registratiecommissie ook rekening houden inzonderheid met de bijzondere wettelijke bepalingen die in hun land op hen toepasselijk zijn inzake uitoefening van beroep, inschrijving als werkgever en faillissement.
Nummer 401/10
Krachtens artikel 2, § 2, KB 5.10.1978 kunnen de tijdelijke verenigingen worden geregistreerd als aannemer wanneer al de deelgenoten die een in artikel 1, KB 5.10.1978 bedoelde werkzaamheid uitoefenen, de voorwaarden vervullen om zelf te worden geregistreerd.
Wanneer alle deelgenoten van de tijdelijke vereniging geregistreerd zijn als aannemer, hoeft deze laatste geen enkel stuk bij haar aanvraag tot registratie als aannemer te voegen. Het volstaat dat de tijdelijke vereniging in haar aanvraag verwijst naar de datum van registratie en het registratienummer van alle deelgenoten.
Indien evenwel niet alle deelgenoten die een in voormeld art. 1 bedoelde werkzaamheid uitoefenen, geregistreerd zijn als aannemer of indien zij nog geen aanvraag tot registratie hebben ingediend, moet de tijdelijke vereniging bij haar aanvraag alle stukken voegen welke die deelgenoten zelf zouden hebben moeten voorleggen om te worden geregistreerd.
Het feit dat de tijdelijke vereniging niet zou opteren voor de hoedanigheid van BTW-belastingplichtige, in welk geval de door de vereniging verrichte leveringen en diensten worden geacht te zijn verricht door de deelgenoten, vormt geen beletsel om als aannemer te worden geregistreerd.
Nummer 401/11
Krachtens art. 2, § 3, KB 5.10.1978 kunnen beschermde werkplaatsen en "entreprises d'apprentissage professionnel agréées" eveneens worden geregistreerd. Zij moeten daartoe voldoen aan de voorwaarden gesteld in art. 2, § 1, 1°, 3°, 4°, 10° wat de fiscale verplichtingen van werkgevers betreft, 11° en 12°, KB 5.10.1978.
2. Registratiecommissies
a) Bevoegdheid
Nummer 401/12
De registratie van de aannemers in de normale regeling behoort tot de bevoegdheid van de registratiecommissies die daartoe in elke provincie zijn opgericht.
Hierna gaat de lijst van de provinciale registratiecommissies :
Provincie Antwerpen : Tabakvest 50, 2000 Antwerpen 1 03/222.47.13
Provincie Brabant :
Nederlandstalige aanvragen :
Louizalaan 245, 1050 Brussel 02/641.02.68
Franstalige aanvragen : Louizalaan 245, 1050 Brussel 02/641.02.49
Provincie West-Vlaanderen: G. Vincke-Dujardinstraat 4, 8000 Brugge 050/32.07.43
Provincie Oost-Vlaanderen :
Briefwisseling : Laurent Delvauxstraat 2, 9000 Gent
Kantoren : Voskenslaan 97 D, 9000 Gent 091/22.96.17 (vanaf 26.6.1993 = 09/222.96.17) Provincie Limburg :
Voorstraat 41-43-45, 3500 Hasselt 011/21.22.32
Provincie Luxemburg :
Place des Fusillés 10, 6700 Aarlen 063/22.02.02
Provincie Henegouwen :
Digue des Peupliers 71, 7000 Bergen 065/31.83.44
Provincie Luik : Rue Paradis 3, 4000 Luik 041/54.81.11
Provincie Namen : Rue des Bourgeois 7, Bloc C 60, 5000 Namen 081/24.76.51
b) Samenstelling
Nummer 401/13
Iedere registratiecommissie bestaat uit negen leden, door de Koning volgens de hierna vermelde modaliteiten benoemd :
- drie leden-ambtenaren worden benoemd respectievelijk op voorstel van de Minister van Financiën, van Sociale Zaken en van Tewerkstelling en Arbeid;
- drie leden worden op voorstel van de representatieve werkgeversorganisaties uit het bouwbedrijf benoemd;
- drie leden worden op voorstel van de representatieve werknemersorganisaties uit het bouwbedrijf benoemd.
Volgens dezelfde modaliteiten worden ten minste negen plaatsvervangende leden benoemd.
c) Opdracht
Nummer 401/14
De registratiecommissies hebben tot opdracht te beslissen over de ingediende aanvragen tot registratie.
Zij zijn ook bevoegd voor de schrapping van registraties.
d) Voorzitterschap
Nummer 401/15
Iedere commissie wordt voorgezeten door een ambtenaar van het Ministerie van Financiën of van het Ministerie van Sociale Zaken.
De registratiecommissie, wordt in rechte vertegenwoordigd en treedt op door haar voorzitter.
e) Geheimhouding
Nummer 401/16
De leden en de plaatsvervangende leden van de registratiecommissies en de ambtenaren die het secretariaat ervan verzorgen, zijn verplicht tot de meest volstrekte geheimhouding aangaande alle zaken waarvan ze wegens de uitvoering van hun mandaat kennis hebben.
3. Aanvraag tot registratie
a) Algemeen
Nummer 401/17
Om als aannemer te worden geregistreerd, moet een aanvraag op een daartoe bestemd formulier nr. 333 bij aangetekende brief worden gericht tot de voorzitter van de commissie van de provincie waar de voornaamste bedrijfszetel van de aanvrager gevestigd is.
De Administratie heeft de commissies evenwel om praktische redenen voorgeschreven op het administratieve vlak te beschouwen dat de voornaamste bedrijfszetel overeenstemt met de maatschappelijke zetel wanneer het een rechtspersoon betreft en met de woonplaats wanneer het een natuurlijk persoon betreft.
Is de aanvrager een niet-rijksinwoner of een rechtspersoon die zijn maatschappelijke zetel, enz., niet in België heeft, dan moet hij zijn aanvraag indienen bij de commissie van de provincie waar zijn voornaamste Belgische inrichting gelegen is. In de regel zal zulks overeenstemmen met de aansprakelijk vertegenwoordiger of bij gebrek hieraan de belangrijkste werf in België.
Nummer 401/18
De bepaling van "Belgische inrichting" in het KB 5.10.1978 is de bepaling van art. 140, § 3, WIB, zoals die van toepassing was tot en met aj. 1990 en waaraan de woorden "daaronder begrepen de bouwplaatsen ongeacht de duur van de werkzaamheden" zijn toegevoegd.
Nummer 401/19
Bij de aanvraag moeten, op straffe van niet-ontvankelijkheid, bepaalde stukken worden gevoegd (o.m. een bewijs van goed zedelijk gedrag bestemd voor een openbaar bestuur, een afschrift van de oprichtingsakte van de vennootschap, een afschrift van de inschrijving in het handelsregister, een bewijs van de inschrijving als werkgever bij de R.S.Z., een bewijs van aansluiting bij een verzekeringsonderneming voor de aansprakelijkheid van de werkgever inzake arbeidsongevallen, enz.).
Wanneer de inschrijving in het handelsregister wettelijk is uitgesloten -inzonderheid omdat de uitgeoefende werkzaamheid niet vermeld is in de lijst van de handelsbedrijvigheden-, kan de niet inschrijving in dat register op zichzelf de weigering tot registratie niet rechtvaardigen (wel moeten de andere voorwaarden opgesomd in art. 2, KB 5.10.1978 vervuld zijn).
Om dezelfde reden verzet niets zich tegen de registratie als aannemer van gemeenteregieën en VZW die, wegens hun aard of wegens de aard van hun werkzaamheden, niet de hoedanigheid hebben van handelaar en dientengevolge niet in het voornoemde register kunnen worden ingeschreven.
Nummer 401/20
De registratiecommissie kan aan de aanvrager andere stukken doen voorleggen of gegevens doen verstrekken waarvan zij meent dat ze nuttig kunnen zijn om te beoordelen of de gestelde voorwaarden vervuld zijn.
b) Onderzoek van de aanvraag
Nummer 401/21
Het onderzoek van de aanvragen tot registratie naar het vervuld zijn van de in art. 2, KB 5.10.1978 gestelde voorwaarden behoort tot de bevoegdheid van de registratiecommissies. Bij dat onderzoek kunnen zij een beroep doen op de medewerking van de ambtenaren van het Ministerie van Financiën, van Sociale Zaken en van Tewerkstelling en Arbeid.
c) Beslissing over de aanvraag
Nummer 401/22
Na onderzoek van de aanvraag beslist de registratiecommissie of de aannemer al dan niet kan worden geregistreerd.
De beslissing is slechts geldig indien ten minste vijf leden de zitting bijwonen. Bij afwezigheid van de voorzitter wordt de commissie voorgezeten door de oudste in leeftijd van de aanwezige leden-ambtenaren.
Nummer 401/23
De commissies nemen hun beslissingen bij gewone meerderheid van stemmen van de aanwezige leden. In geval van staking van stemmen is de stem van de voorzitter doorslaggevend.
Nummer 401/24
Wanneer de aanvraag wordt afgewezen, moet de beslissing met redenen omkleed zijn.
4. Schrapping van de registratie
a) Algemeen
Nummer 401/25
Ongeacht of de registratie in de normale regeling of in de overgangsregeling is verleend, kunnen de registratiecommissies beslissen dat een registratie wordt geschrapt.
b) Feiten
Nummer 401/26
Sommige feiten kunnen aanleiding geven tot schrapping van de registratie, andere geven altijd aanleiding tot schrapping.
De registratiecommissie kan in bepaalde gevallen beslissen dat de registratie wordt geschrapt, met name :
- wanneer de registratie werd verleend op grond van door de betrokkene verstrekte onjuiste of onvolledige inlichtingen of verklaringen;
- wanneer, na de aanvraag tot registratie, zich een feit voordoet dat een beletsel zou zijn geweest voor het verlenen van de registratie, inzonderheid wat het vervuld zijn van de gestelde voorwaarden betreft;
- wanneer de betrokkene nalaat gegevens te verstrekken die nodig zijn voor de berekening van de bijdragen voor sociale zekerheid;
- wanneer hij ten achteren is met de betaling van lonen of van belastingen, voorheffingen, sociale bijdragen of voorschotten daarop, tenzij een afbetalingsplan bestaat dat wordt nageleefd;
- wanneer ernstige tekortkomingen worden vastgesteld in het bijhouden van de sociale documenten;
- wanneer uit een geheel van omstandigheden blijkt dat mag worden gevreesd dat de betrokkene zijn fiscale of sociale verplichtingen niet zal nakomen;
- wanneer hij nalaat de registratiecommissie in te lichten over bepaalde feiten waarvoor hem een mededelingsplicht is opgelegd;
- wanneer de betrokkene de bepalingen van de art. 405 tot 408, WIB 92 en van de desbetreffende uitvoeringsbesluiten niet naleeft.
De registratie wordt geschrapt :
- wanneer de betrokkene meer dan drie maanden ten achteren is met het indienen van zijn aangiften inzake BV, BTW of sociale bijdragen;
- wanneer hij bewust BV, BTW of sociale bijdragen ontdoken heeft;
- wanneer hij de werkzaamheid waarvoor hij geregistreerd is stopzet.
Nummer 401/27
De Administratie der directe belastingen heeft ten behoeve van haar ambtenaren richtlijnen uitgevaardigd m.b.t. het opstellen en verzenden aan de registratiecommissies van verzoekschriften of mededelingen met het oog op een eventuele schrapping van een registratie.
c) Beslissing tot schrapping
Nummer 401/28
De beslissing tot schrapping van een registratie wordt door de commissies genomen op het zien van een gemotiveerd verzoekschrift ingediend door of vanwege de Minister van Financiën, van Sociale Zaken of van Tewerkstelling en Arbeid of door een van de vertegenwoordigde werkgevers- of werknemersorganisaties.
De commissies kunnen dus niet op eigen initiatief de procedure tot schrapping inzetten.
De beslissing is slechts geldig indien ten minste vijf leden de zitting bijwonen. Bij afwezigheid van de voorzitter wordt de commissie voorgezeten door de oudste in leeftijd van de aanwezige leden-ambtenaren.
Nummer 401/29
De commissies nemen hun beslissingen bij gewone meerderheid van stemmen van de aanwezige leden. In geval van staking van stemmen is de stem van de voorzitter doorslaggevend.
Nummer 401/30
De beslissingen tot schrapping moeten met redenen omkleed zijn.
De schrappingen worden bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad en zijn aan derden tegenstelbaar vanaf de tiende dag na de bekendmaking.
5. Kennisgeving van de beslissing over de aanvraag of van de beslissing tot schrapping
Nummer 401/31
De kennisgeving van de beslissing over de aanvraag of van de beslissing tot schrapping van de registratiecommissies geschiedt door middel van een ter post aangetekende brief waarbij aan de aannemer het refertenummer van zijn registratie (zie 401/32) of de schrapping van de registratie wordt medegedeeld. Na die kennisgeving door de commissie is de beslissing uitvoerbaar bij voorraad niettegenstaande elk aangewend rechtsmiddel.
De beslissing wordt definitief indien binnen tien dagen na de kennisgeving geen verhaal is ingesteld (zie 401/34 en 35).
Nummer 401/32
Het registratienummer bestaat uit het BTW-nummer gevolgd door de codenummers van de registratiekenmerken.
Het is als volgt samengesteld :
...°...°... |-+-|-+-|-|-|
\---------/ \--/\--/\/\/
1 2 3 4 5
(1) 9 cijfers : BTW-nummer.
(2) 2 cijfers : Nummer van de commissie. Dat nummer is hetzelfde nummer als dat van de gewestelijke directies van de directe belastingen waar de zetel van de commissie gevestigd is. Voorbeeld : 02 = Antwerpen.
(3) 2 cijfers : Codenummer van de hoofdwerkzaamheid. Zie "Bijlage bij het KB 5.10.1978". Voorbeeld : 02 = Bijzondere grondwerken. Het codenummer is 00 wanneer de registratie is verleend in de overgangsregeling. De registratie geldt dan voor alle werkzaamheden (zie nochtans 401/5, 2e lid).
(4) 1 cijfer : 0 of 1, naargelang de registratie is verleend voor één werkzaamheid of voor verschillende werkzaamheden (deze zijn in de in 401/36 tot 39 bedoelde lijst vermeld met de codenummers van de werkzaamheden die opgesomd zijn in de genoemde bijlage van het KB 5.10.1978). In de overgangsregeling is dat cijfer een 9.
(5) 1 cijfer : 0, 1, 2 of 3, naargelang het hierna vermelde onderscheid met betrekking tot het tewerkgesteld personeel :
0 : geen personeel; 1 : van 1 tot 19 arbeiders en bedienden; 2 : van 20 tot 49 arbeiders en bedienden; 3 : ten minste 50 arbeiders en bedienden;
6. Verzoek om te worden gehoord
Nummer 401/33
Niettegenstaande de beslissing van de registratiecommissie uitvoerbaar is bij voorraad, kan de betrokkene binnen tien dagen na de kennisgeving van de beslissing, bij een ter post aangetekende brief, aan de commissie vragen om, eventueel bijgestaan door een raadsman, te worden gehoord.
In dat geval bevestigt of herziet de commissie haar eerste beslissing overeenkomstig de nieuwe beslissing die wordt genomen bij gewone meerderheid van stemmen uitgebracht door ten minste vijf leden. Bij staking van stemmen is de stem van de voorzitter doorslaggevend.
Tegen de bevestiging of de herziening van de beslissing is verhaal mogelijk (zie 401/34 tot 35).
7. Verhaal
a) Algemeen
Nummer 401/34
Zowel de beslissing zelf als de bevestiging of de herziening van de beslissing van de commissie kunnen worden betwist hetzij door de betrokkene, hetzij door of vanwege de Minister van Financiën, of van Sociale Zaken of van Tewerkstelling en Arbeid, in de vorm van een verhaal dat voor de rechtbank van eerste aanleg wordt gebracht conform de algemene bevoegdheid welke aan die rechtbank wordt toegekend door art. 568 Ger.W.
b) Termijn
Nummer 401/35
De verhaaltermijn bedraagt tien dagen. Hij gaat in op de dag waarop aan de betrokkene kennis is gegeven van de beslissing over de aanvraag, van de beslissing tot schrapping of, na gehoord te zijn, van de bevestiging of van de herziening van de beslissing.
D. PUBLICITEIT VAN DE REGISTRATIES EN VAN DE SCHRAPPINGEN
1. Publikaties in het Belgisch Staatsblad
Nummer 401/36
Het Belgisch Staatsblad publiceert de laatste vrijdag van elke maand (of in de eerstvolgende uitgave indien er die dag geen Belgisch Staatsblad verschijnt) :
- de lijst van de nieuw geregistreerde aannemers of aannemers voor wie zich een wijziging in de categorieën heeft voorgedaan;
- de lijst van de totale of gedeeltelijke schrappingen;
- bij voorkomend geval, het beschikkend gedeelte van de uitspraken over de verhalen;
2. Publikaties van de administratie
Nummer 401/37
Het Ministerie van Financiën geeft bij het begin van ieder jaar een bijgewerkte lijst uit van de geregistreerde aannemers.
Daarenboven worden van die lijst maandelijkse bijwerkingen gemaakt met de volgende inlichtingen:
1. nieuw geregistreerde aannemers of aannemers voor wie zich een wijziging in de categorieën heeft voorgedaan;
2. aannemers voor wie zich een andere wijziging heeft voorgedaan zoals o.a. de verandering van de registratiekenmerken (zes laatste cijfers van het registratienummer die betrekking hebben op de bevoegde provinciale registratiecommissie, de werkzaamheid en het aantal werknemers), de naam of het R.S.Z.-nummer, de overbrenging van de bedrijfszetel;
3. stopzettingen van werkzaamheid;
4. totale of gedeeltelijke schrappingen;
5. het beschikkend gedeelte van de uitspraken over de verhalen.
Die lijst en de maandelijkse bijwerkingen zijn verkrijgbaar tegen de prijs van 850 F, hetzij bij het Kantoor voor verkoop van publikaties, Rijksadministratief Centrum, Financietoren, Kruidtuinlaan 50 Bus 32, 1010 Brussel, hetzij door storting op postrekening 000-2004098-78 van het Hoofdbestuur der directe belastingen, 1010 Brussel.
Nummer 401/38
Het Centrum voor informatieverwerking der directe belastingen, Rijksadministratief Centrum, Financietoren, Kruidtuinlaan 50 Bus 36, 1010 Brussel kan een volledig repertorium van de geregistreerde aannemers op magneetband bezorgen.
De basismagneetband en de iedere maand voor de bijwerkingen aangelegde magneetband zijn verkrijgbaar tegen jaarlijks vast te stellen prijzen.
3. Inzage van de lijsten en de bijwerkingen
Nummer 401/39
De lijst en de bijwerkingen daarvan (zie 401/37) liggen ter inzage van de belanghebbenden in alle ontvang- en controlekantoren van de directe belastingen en van de BTW, alsmede bij de diensten van de Sociale inspectie en van de Arbeidsinspectie.
Voor zeer recente wijzigingen aan die lijst kan op maandag, woensdag en vrijdag telefonisch contact worden opgenomen met de Dienst Registratie als Aannemer, R.A.C., Financietoren, Kruidtuinlaan 50, bus 32, 1010 Brussel, tel. 02/210.24.70 of 02/210.24.73.
4. Bewijs van de registratie als aannemer
Nummer 401/40
De reglementering inzake de registratie als aannemer is zodanig opgevat dat de aannemer het bewijs van zijn registratie niet zelf moet leveren maar dat de persoon of dienst die belang stelt in het al dan niet geregistreerd zijn van een aannemer, dit zelf dient na te gaan (zie 401/39 wat de inzage van de lijsten betreft).
Om die reden worden geen attesten inzake de registratie als aannemer uitgereikt. Zulke attesten zijn trouwens slechts een weergave van de toestand waarin een aannemer zich op een bepaald ogenblik bevindt, terwijl die toestand nader-hand kan wijzigen (PV nr. 62 van Declerck, Bull.VA nr. 15, Senaat, zitting 1990-1991, blz. 613, Bull. 707, blz. 1792).
E. MEDEDELINGSPLICHT VAN DE GEREGISTREERDE AANNEMERS
1. Feiten
Nummer 401/41
Iedere geregistreerde aannemer moet de registratiecommissie van de provincie waar zijn voornaamste bedrijfszetel gevestigd is of waar zijn voornaamste Belgische inrichting gelegen is, binnen vijftien dagen inlichten over bepaalde feiten, met name :
- wanneer hij zijn voornaamste bedrijfszetel of zijn voornaamste Belgische inrichting verplaatst;
- wanneer hij een wijziging aanbrengt in de benaming waaronder hij zijn werkzaamheid verricht;
- wanneer hij zijn werkzaamheid stopzet;
- ingeval het om een vennootschap gaat, wanneer ten gevolge van een overdracht van aandelen of deelbewijzen, de werkelijke bestuursbevoegdheid van de onderneming in andere handen is overgegaan;
- wanneer zijn personeelsbestand toeneemt in die mate dat hij in een andere categorie van werkgevers terechtkomt (er zijn drie categorieën : van 1 tot 19 werknemers, van 20 tot 49, 50 en meer);
- wanneer hij werkgever wordt, d.w.z. dat hij voor de eerste maal personeel aanwerft na de indiening van zijn aanvraag tot registratie.
De geregistreerde beschermde werkplaatsen of "entreprises d'apprentissage professionnel" moeten binnen vijftien dagen de bevoegde registratiecommissie kennis geven van de intrekking van de in art. 10, § 1, 6°, KB 5.10.1978 vermelde erkenning.
Wanneer deze erkenning wordt hernieuwd, moeten de "entreprises d'apprentissage professionnel" binnen vijftien dagen aan de bevoegde registratiecommissie het bewijs daarvan voorleggen.
2. Voortzetting van de werkzaamheid door echtgenoot of erfgenamen
Nummer 401/42
Bij voortzetting van de werkzaamheid door de echtgenoot of door een of meer erfgenamen of erfgerechtigden in de rechte lijn van een geregistreerde aannemer die zijn werkzaamheid wegens overlijden of enigerlei andere oorzaak stopzet, moet degene die de werkzaamheid voortzet daarvan binnen vijftien dagen kennis geven aan de bevoegde registratiecommissie. Die kennisgeving geldt in dat geval als een nieuwe aanvraag en de oorspronkelijke registratie wordt, in afwachting van een beslissing van de commissie, geacht geldig te blijven ten name van degene die de werkzaamheid voortzet.
