Artikel 49/1, KB/WIB 92

Art. 49/1, punt A., 3°, punt B., 4°, punt C., punt D. et punt E., treedt in werking op 01.01.2025 (art. 1 en 7, KB 20.12.2024 - B.S. 31.12.2024; Numac: 2024011817; bekrachtigd door art. 2, 2°, W 11.12.2025 - B.S. 18.12.2025; Numac : 2025009427)

§ 1. De in artikel 69, derde lid, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, beoogde vaste activa betreffen de volgende categorieën:

A. Met betrekking tot digitale vaste activa die dienen voor de integratie en exploitatie van digitale betalings- en facturatiesystemen:

1° investeringen in systemen (software of apparatuur) die de elektronische betaling vergemakkelijken;

2° investeringen in systemen (software of apparatuur) voor elektronische facturatie, handtekening of archivering.

3° investeringen in een geregistreerd kassasysteem en meer bepaald de gecertificeerde kassa en de gecertificeerde fiscale datamodule zoals omschreven in artikel 2 van de wet van 30 juli 2013 met betrekking tot de certificatie van een geregistreerd kassasysteem in de horecasector.

B. Met betrekking tot investeringen in systemen die dienen voor de beveiliging van informatie- en communicatietechnologie (ICT):

1° investeringen in systemen (software of apparatuur) voor de beveiliging van informatie, netwerken en ICT-installaties;

2° investeringen in monitoring- en auditinstrumenten voor de beveiligingssystemen van ICT;

3° investeringen in systemen (software of apparatuur) die een veiliger beheer van de door de onderneming verzamelde persoonsgegevens mogelijk maken.

4° de digitale investeringen noodzakelijk om de onderneming in regel te stellen met de verplichtingen uit de Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG.

C. Investeringen in systemen (software en apparatuur) die het boekhoudkundige en financiële beheer van de onderneming mogelijk maken.

D. Met betrekking tot investeringen in digitale vaste activa die gedaan worden met het oog op klantenwerving en het digitaal beheer van de contractuele en commerciële relaties van de belastingplichtige:

1° investeringen in systemen (software en apparatuur) die de reputatie, de zichtbaarheid en de online aanwezigheid van de belastingplichtige verzekeren, alsook die welke klantenwerving en verkoop mogelijk maken;

2° investeringen in systemen (software en apparatuur) die het beheer van de commerciële, contractuele en administratieve klantenrelaties van de belastingplichtige mogelijk maken.";

E. Aanvullende investeringen nuttig bij de uitvoering van de onder punt A tot D bedoelde investeringen:

1° de kosten voor softwareontwikkeling die verband houden met de investeringen onder punt A, 1° tot D, 2°, en die samen met de vaste activa waarop zij betrekking hebben, worden afgeschreven;

2° investeringen in systemen (software of apparatuur) die de interfacing van de in punten A, 1° tot tot E, 1°, beoogde systemen met systemen van de onderneming of naar systemen buiten de onderneming mogelijk maken, met inbegrip van de investeringen voor interfaces tussen systemen voor facturatie, betaling en boekhoudkundige programma's.

§ 2. De dienstverrichtingen betreffende de in § 1 vermelde vaste activa moeten worden verstrekt en gefactureerd aan de belastingplichtige.

§ 3. Wanneer de in § 1 vermelde vaste activa opgenomen zijn in een globale factuur die componenten bevat die niet bedoeld worden in § 1, van hetzelfde Wetboek, is de in het kader van deze aftrek in aanmerking te nemen waarde van de investering of de prijs van de vaste activa gelijk aan de reële waarde van deze apart op de factuur vermelde vaste activa.

§ 4. De leverancier van de in §§ 2 en 3 bedoelde dienstverrichtingen garandeert de conformiteit van de goederen of diensten op basis van de technische criteria die voorkomen in bijlage IIter/1.

Tot dat doeleinde moet de door de leverancier van goederen of diensten uitgereikte factuur, of de bijlage ervan:

a) de in § 1 bedoelde categorie van investering vermelden.

b) de volgende formule bevatten:

"Verklaring met toepassing van artikel 49/1 van het KB/WIB 92 betreffende de investeringsaftrek voor digitale investeringen bedoeld in artikel 69, derde lid, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992:

Ik, ondergetekende ........., bevestig dat:

- ... (per categorie de vermeldingen overnemen die worden opgelegd door bijlage IIter/1 van het KB/WIB 92)

- ...

... (datum)

... (naam)

... (handtekening)."

§ 5. De belastingplichtige die de investeringsaftrek voor digitale investeringen bedoeld in artikel 69, derde lid, van het voornoemd Wetboek vraagt, moet de facturen over de investeringen in de vaste activa bedoeld in § 1 ter beschikking houden van de Federale Overheidsdienst Financiën.