Artikel 177, KB/WIB 92

Art. 177, § 2, vierde lid, wordt opgeheven vanaf 01.01.1997 (art. 11, 3°, KB 20.05.1997 - B.S. 10.06.1997; Numac: 1997003253)


§ 1. Bij overdracht onder bezwarende titel van in België gelegen ongebouwde onroerende goederen of van zakelijke rechten met betrekking tot zulke onroerende goederen, toegestaan door een belastingplichtige als vermeld in artikel 227 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, zijn de personen die krachtens artikel 35 van het Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten, verplicht zijn de akte of een verklaring waarbij de overdracht is vastgesteld, ter registratie aan te bieden en de desbetreffende rechten te betalen, verplicht, bij de registratie van die akte of van die verklaring op het in artikel 39 of 40 van het Wetboek der registratie-, hypotheek-en griffierechten vermelde kantoor, de belasting van niet-inwoners te betalen met betrekking tot de meerwaarde die ter gelegenheid van die overdracht is verwezenlijkt.

Artikel 5 van het Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten is van toepassing op de belasting van niet-inwoners die bij de registratie van de akte of van de verklaring moet worden betaald.

§ 2. Wanneer § 1 moet worden toegepast, zijn de personen die verplicht zijn tot registratie van de akte of van de verklaring waarbij de overdracht is vastgesteld verplicht, vóór registratie, aan de ontvanger van de registratie een aangifte in tweevoud voor te leggen waarbij kennis wordt gegeven van alle gegevens die nodig zijn voor de berekening van de belasting van niet-inwoners met betrekking tot de verwezenlijkte meerwaarde en eventueel de kosten en uitgaven te verantwoorden die de overdrager vraagt van de overdrachtprijs af te trekken of bij de verkrijgingsprijs te voegen.

Hangt de in de belasting van niet-inwoners belastbare grondslag geheel of gedeeltelijk af van de waardering van een levenslang recht, dan moet de aangifte de naam, voornamen, woonplaats, geboorteplaats en -datum vermelden van de personen die gezegd levenslang recht genieten.

Bij overdracht van een gebouwd onroerend goed moet, wanneer de ontvanger van de registratie erom verzoekt, een verklaring de verkoopwaarde vermelden van de los van de grond beschouwde gebouwen.

(...)

De ontvanger kan de registratie van de akte afhankelijk stellen van de overlegging van een getuigschrift dat uitgaat van de bevoegde ambtenaar van de administratie der directe belastingen en waarbij is vastgesteld dat de overdrager geen belastingplichtige is als vermeld in artikel 227 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992.

§ 3. De belasting van niet-inwoners verschuldigd op meerwaarden die ter gelegenheid van een overdracht onder bezwarende titel zijn verwezenlijkt op in België gelegen ongebouwde onroerende goederen of op zakelijke rechten met betrekking tot zulke onroerende goederen, wordt overeenkomstig de bepalingen van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 gevestigd en ingevorderd door de administratie der directe belastingen wanneer die belasting, om welke reden ook, niet is betaald ten kantore belast met de registratie van de akte of van de verklaring waarbij de overdracht is vastgesteld, of wanneer het als gezegde belasting aan de ontvanger van de registratie betaalde bedrag lager is dan het verschuldigde bedrag.

§ 4. De bepalingen van titel VII, hoofdstuk VII, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, zijn van toepassing op de belasting van niet-inwoners die door de ontvanger van de registratie wordt geheven bij de registratie van een akte of van een verklaring waarbij de overdracht onder bezwarende titel van ongebouwde onroerende goederen of van zakelijke rechten met betrekking tot zulke onroerende goederen is vastgesteld.