Artikel 224, KB/WIB 92

Art. 224 is van toepassing vanaf het aanslagjaar 1992 (art. 237quinquies, KB/WIB; KB 27.08.1993 – B.S. 13.09.1993; Numac: 1993082751)

§ 1. Wanneer uit het uitgereikte attest dat aan de kredietinstelling of -inrichting wordt overgelegd blijkt dat een bedrag als belastingen of bijbehoren eisbaar is ten name van de natuurlijke persoon of rechtspersoon aan wie een krediet, lening of voorschot is verleend waarvoor een voordeel inzake economische expansie is aangevraagd, mogen de fondsen die afkomstig zijn van het krediet, de lening of het voorschot ten belope van dat bedrag niet worden vrijgegeven, tenzij de belanghebbende natuurlijke persoon of rechtspersoon een attest overlegt waarin de in artikel 220 aangewezen ambtenaar verklaart dat die belastingen en bijbehoren betaald zijn.

Met instemming van de belastingschuldige mag de kredietinstelling of -inrichting deze fondsen evenwel rechtstreeks overmaken aan het bevoegde ontvangkantoor.

§ 2. In het geval vermeld in artikel 222, derde lid, hoeft de kredietinstelling of -inrichting met de gegevens van het nieuwe attest slechts rekening te houden in zover de fondsen nog niet zijn vrijgegeven vóór het verstrijken van de in die bepaling vermelde termijn van 6 maanden.