Artikel 256, KB/WIB 92

Art. 256 is van toepassing vanaf 13.02.2009 (art. 15, KB 27.01.2009 - B.S. 03.02.2009; Numac: 2009003049)

Betalingen voor de aflossing of wedersamenstelling van een hypothecaire lening die is aangegaan om een in een lidstaat van de Europese Economische Ruimte gelegen woning te bouwen, te verwerven of te verbouwen, worden binnen de grenzen gesteld in artikel 145^6 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, zoals het krachtens artikel 526, § 2, tweede en derde lid, van datzelfde Wetboek van toepassing blijft, slechts in aanmerking genomen voor de vermindering voor het lange termijnsparen indien de belastingplichtige de volgende attesten overlegt waarvan de modellen door de Minister van Financiën of zijn gedelegeerde worden vastgesteld en die door de instelling die de lening heeft toegestaan worden uitgereikt:

1° een eenmalig basisattest waarin de instelling de gegevens meedeelt waaruit moet blijken dat het leningscontract in aanmerking kan komen voor de toepassing van artikel 145^1, 3°, van het vernoemde Wetboek zoals het krachtens artikel 526, § 2, tweede lid, van datzelfde Wetboek van toepassing blijft;

2° een jaarlijks betalingsattest waarin de instelling het bedrag van de door de belastingplichtige tijdens het belastbare tijdperk gedane premiebetalingen meedeelt, alsmede de gegevens die noodzakelijk zijn om na te gaan of de voor de toepassing van artikel 145^1, 3°, van het vernoemde Wetboek zoals het krachtens artikel 526, § 2, tweede lid, van datzelfde Wetboek van toepassing blijft, gestelde voorwaarden nog steeds zijn vervuld.