Artikel 46, KB/WIB 92

Art. 46 is van toepassing vanaf het aanslagjaar 1997 (art. 3 en 4, KB 22.12.1995 – B.S. 19.01.1996; Numac: 1996003794)

§ 1. Aan hun aangifte in de inkomstenbelastingen van het belastbare tijdperk waarvoor zij voor de eerste maal het voordeel vragen van de bepalingen van artikel 67 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, moeten de belastingplichtigen toevoegen:

1° een naamlijst van de personeelsleden die in de zin van artikel 44 tijdens het voornoemde belastbare tijdperk en tijdens het vorige belastbare tijdperk voor wetenschappelijk onderzoek werden tewerkgesteld waarbij inzonderheid voor ieder van hen het aantal dagen wordt vermeld waarop zij werkelijk voor dat doel werden tewerkgesteld;

2° met betrekking tot voornoemde personeelsleden, een gedagtekend, ondertekend en voor eensluidend verklaard uittreksel uit de kwartaalaangiften die bij de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid voor elk van de voormelde belastbare tijdperken werden ingediend;

3° met betrekking tot het personeelsbestand voor onderzoek, een door de Federale Diensten voor Wetenschappelijke, Technische en Culturele Aangelegenheden voor eensluidend verklaard afschrift van de inlichtingen die zij aan die diensten hebben verstrekt voor het opmaken van de inventaris van het wetenschappelijk en technologisch potentieel voor dezelfde belastbare tijdperken.

In afwijking van het eerste lid, 3°, moet, betreffende het diensthoofd van de dienst Integrale kwaliteitszorg, voor de toepassing van artikel 44, tweede lid, aan de aangifte worden toegevoegd:

1° een voor eensluidend verklaard afschrift van de arbeidsovereenkomst houdende aanwerving van een diensthoofd Integrale kwaliteitszorg;

2° een attest, hetzij van de Minister die de Economische Zaken onder zijn bevoegdheid heeft, hetzij de Minister die de Middenstand onder zijn bevoegdheid heeft, voor de ondernemingen met minder dan 50 werknemers, ter gelegenheid van de aanwerving van het personeelslid bij een dienst Integrale kwaliteitszorg die opgericht is door de onderneming die de vrijstelling vraagt.

§ 2. Ten einde na te gaan of de vrijstelling, rekening houdend met de wijziging van het aantal voor wetenschappelijk onderzoek tewerkgestelde personeelsleden, moet worden verminderd, behouden of verhoogd, dienen de betrokken belastingplichtigen tot staving van hun aangiften in de inkomstenbelastingen voor de belastbare tijdperken die volgen op die bedoeld in § 1, dezelfde stukken over te leggen als die vermeld in § 1 en die op die belastbare tijdperken betrekking hebben.