Artikel 4, KB/WIB 92
Art. 4 is van toepassing vanaf het aanslagjaar 1992 (art. 2, KB/WIB; KB 27.08.1993 – B.S. 13.09.1993; Numac: 1993082751; art. 1, KB 12.08.1994 - B.S. 10.09.1994; Numac: 1994003527)
Het in artikel 3 vermelde forfait wordt gebracht op:
1° 50 % wanneer het verhuring betreft van:
a) toneeldecors en -kostuums;
b) roerende goederen die gemeubileerde woningen, kamers of appartementen stofferen; ingeval een gezamenlijke huurprijs voor de roerende en onroerende goederen is bedongen, wordt het brutobedrag van de belastbare inkomsten van de roerende goederen geacht 2/5 van die huurprijs te bedragen;
2° 85 % wanneer het gaat om:
a) verhuring van partituren, libretto's en andere gelijkaardige voorwerpen die deel uitmaken van orkestmaterieel voor schouwburgvoorstellingen;
b) concessie van het recht handelsgrammofoonplaten te persen;
c) concessie van het recht om bioscoopfilms en gelijksoortige audiovisuele werken te distribueren of te vertonen en concessie van het recht om radio- en televisieprogramma's uit te zenden of gelijktijdig en onverkort door te geven.
