Artikel 53/1, KB/WIB 92

Art. 53/1 treedt in werking op 24.01.2017 (art. 1 en 5, KB 12.01.2017 - B.S. 24.01.2017; Numac: 2017010124)

§ 1. Elektronische platformen kunnen worden erkend voor de toepassing van artikel 90, eerste lid, 1°bis, van het Wetboek van inkomstenbelastingen 1992, wanneer ze aan alle onderstaande voorwaarden voldoen:

1° het platform is ingericht binnen een vennootschap of een VZW die is opgericht in overeenstemming met de wetgeving van een lidstaat van de Europese Economische Ruimte of met de wetgeving van een staat waarvan de ondernemingen ingevolge een internationaal akkoord in België op dezelfde manier moeten worden behandeld als Belgische ondernemingen;

2° de maatschappelijke zetel, voornaamste inrichting of zetel van bestuur of beheer van de in 1° bedoelde vennootschap of VZW is gevestigd in de Europese Economische Ruimte of in een staat waarmee België door een in 1° bedoeld internationaal akkoord verbonden is;

3° de vennootschap of de VZW is voor die werkzaamheid, ingeschreven in de Kruispuntbank van Ondernemingen in de hoedanigheid van een handels- of ambachtonderneming, of ingeschreven in het handelsregister overeenkomstig de wetgeving van de lidstaat van de Europese Economische Ruimte of van de staat waarvan de ondernemingen ingevolge een internationaal akkoord in België op dezelfde manier moeten worden behandeld als Belgische ondernemingen, waar de vennootschap of de VZW is gevestigd;

4° de vennootschap of de VZW beschikt over een door de Kruispuntbank van Ondernemingen toegekend ondernemingsnummer dat geldt als btw identificatienummer en de letters BE bevat, of beschikt, bij gebrek aan het voormelde ondernemingsnummer, voor zover het bestaat, over een identificatienummer btw-doeleinden in de lidstaat van de Europese Economische Ruimte of in de staat waarvan de ondernemingen ingevolge een internationaal akkoord in België op dezelfde manier moeten worden behandeld als Belgische ondernemingen, waar ze is gevestigd.

§ 2. De bestuurders, de zaakvoerders en de personen die bevoegd zijn om de vennootschap of de VZW te verbinden moeten aan de volgende voorwaarden voldoen:

1° geen personen zijn aan wie het uitoefenen van dergelijke functies verboden is krachtens het koninklijk besluit nr. 22 van 24 oktober 1934 of gelijkaardige bepalingen van een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte;

2° niet in staat van faillissement verkeren, tenzij in geval van verschoonbaarheid of rehabilitatie, noch het voorwerp zijn van een procedure tot faillietverklaring of analoge procedures van buitenlands recht.