Artikel 139, KB/WIB 92 -opgeheven

Art. 139 is van toepassing vanaf het aanslagjaar 1992 (art. 183, KB/WIB; KB 27.08.1993 – B.S. 13.09.1993; Numac: 1993082751)

§ 1. Inkomstenbelastingen en voorheffingen moeten worden betaald:

- ofwel door storting of overschrijving op de postrekening-courant van de ontvanger;

- ofwel met een postwissel ten gunste van de ontvanger;

- ofwel met een gecertificeerde of gewaarborgde vooraf gekruiste cheque, ten gunste van de ontvanger getrokken op een financiële instelling die aangesloten of vertegenwoordigd is bij een verrekenkamer van het land.

De Minister van Financiën of zijn gedelegeerde kan, in bijzondere omstandigheden, andere wijzen van betaling toestaan.

§ 2. De belastingschuldige moet op het betaalformulier de aard van de gekweten belasting of voorheffing vermelden en, voor ingekohierde belastingen of voorheffingen, ook de gemeente en het kohierartikel.

§ 3. Behoudens tegenbewijs gelden als bewijs van betaling:

- voor stortingen of postwissels, de door de Post of door het Bestuur der Postchecks gedagtekende ontvangstbewijzen;

- voor overschrijvingen en cheques, de rekeninguittreksels en erbij horende stukken.