Artikel 204, KB/WIB 92
Art. 204, 4°, e, is van toepassing vanaf 01.01.1997 (art. 13, 1°, KB 20.05.1997 - B.S. 10.06.1997; Numac: 1997003253)
Inkomsten van het in de artikelen 199 tot 203 vermelde belastbare tijdperk zijn:
1° inkomsten van gebouwde of ongebouwde onroerende goederen die op dat tijdperk betrekking hebben;
2° inkomsten en opbrengsten van roerende goederen en kapitalen die overeenkomstig de artikelen 261, 2°, 263, eerste lid, en 267 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 aan de roerende voorheffing onderworpen zijn en tijdens dat tijdperk aan de belastingplichtige zijn betaald of toegekend;
3° beroepsinkomsten, bestaande uit:
a) vastgestelde of vermoede winst of baten van dat tijdperk;
b) tijdens dat tijdperk aan de belastingplichtige betaalde of toegekende bezoldigingen;
c) tijdens dat tijdperk aan de belastingplichtige betaalde of toegekende pensioenen, renten en toelagen;
4° diverse inkomsten, bestaande uit:
a) vastgestelde of vermoede winst of baten van dat tijdperk, vermeld in artikel 90, 1°, van hetzelfde Wetboek;
b) tijdens dat tijdperk aan de belastingplichtige betaalde of toegekende sommen vermeld in artikel 90, 2° tot 7°, van hetzelfde Wetboek;
c) vastgestelde of vermoede meerwaarden van dat tijdperk vermeld in artikel 90, 8°, van hetzelfde Wetboek;
d) meerwaarden vermeld in artikel 90, 9, van hetzelfde Wetboek;
e) vastgestelde of vermoede meerwaarden van dat tijdperk vermeld in artikel 90, 10°, van hetzelfde Wetboek;
5° de kosten, bijdragen, pensioenen, renten en toelagen vermeld in artikel 223 van hetzelfde Wetboek, die door de belastingplichtige tijdens dat tijdperk zijn betaald of toegekend.
