Artikel 255, KB/WIB 92

Art. 255 is van toepassing vanaf het aanslagjaar 2006 (art. 5, KB 10.06.2006 - B.S. 19.06.2006; Numac: 2006003287)

Eenmalige premies of termijnpremies die de belastingplichtige heeft betaald ter uitvoering van levensverzekeringscontracten die hij individueel heeft gesloten, worden, binnen de grenzen gesteld in de artikelen 145^4 en 145^6 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, zoals het laatstgenoemde artikel krachtens artikel 526, § 2, tweede en derde lid, van datzelfde Wetboek van toepassing blijft, slechts in aanmerking genomen voor de vermindering voor het lange termijnsparen indien:

1° de contracten zijn onderschreven:

- bij Belgische ondernemingen of Belgische inrichtingen van buitenlandse ondernemingen, die verbintenissen aangaan waarvan de uitvoering afhankelijk is van de duur van het menselijk leven;

- bij openbare of private voorzorgsinstellingen waarvoor bijzondere wetten gelden;

2° de verzekerde de volgende attesten overlegt waarvan de modellen door de Minister van Financiën of zijn gedelegeerde worden vastgesteld en die door de verzekeraar worden uitgereikt:

a) een eenmalig basisattest waarin de verzekeraar de gegevens meedeelt waaruit moet blijken dat het levensverzekeringscontract in aanmerking kan komen voor de toepassing van de belastingvermindering voor het lange termijnsparen;

b) een jaarlijks betalingsattest waarin de verzekeraar het bedrag van de door de belastingplichtige tijdens het belastbare tijdperk gedane premiebetalingen meedeelt, alsmede de gegevens die noodzakelijk zijn om na te gaan of de voor de toepassing van artikel 145^1, 2°, van het vernoemde Wetboek, zoals het krachtens artikel 526, § 2, tweede lid, van datzelfde Wetboek van toepassing blijft, gestelde voorwaarden nog steeds zijn vervuld.