Artikel 120, WIB 92
Art. 120 is van toepassing met ingang van het aanslagjaar 1992 (art. 72, WIB; art. 1, KB 10.04.1992 - B.S. 30.07.1992; Numac: 1992003456)
De beheermaatschappij van de ingevolge artikel 125 erkende instellingen voor collectieve belegging belegt de activa van dat fonds en de inkomsten van die activa, na aftrek van de kosten, uitsluitend op de volgende wijze:
1° voor ten minste 30 % in aandelen die een fractie van het maatschappelijk kapitaal van vennootschappen naar Belgisch recht vertegenwoordigen;
2° in obligaties in Belgische frank uitgegeven of onvoorwaardelijk gewaarborgd, in hoofdsom en in interest, door de Staat, de Gemeenschappen, de Gewesten, de provincies, de agglomeraties, de gemeenten en andere openbare lichamen of instellingen;
3° in obligaties of kasbons in Belgische frank, met een looptijd van meer dan één jaar, uitgegeven door Belgische publiek of privaatrechtelijke vennootschappen of in gelddeposito's in Belgische frank met een looptijd van meer dan één jaar;
4° in vastgoedcertificaten of in hypothecaire leningen met betrekking tot in België gelegen onroerende goederen;
5° tot ten hoogste 10 % in buitenlandse op een Belgische beurs genoteerde effecten of rechten van deelneming van Belgische gemeenschappelijke beleggingsfondsen die erkend zijn door de Commissie voor het Bank en Financiewezen;
6° tot ten hoogste 10 % in tegoeden op rekening in Belgische frank bij één van de instellingen of ondernemingen die zijn vermeld in artikel 124, eerste lid.
De voorgeschreven percentages worden berekend op de dag waarop de beleggingen worden gedaan.
