Artikel 147, WIB 92

Art. 147, eerste lid, 2°, a), derde streepje, en 5° tot 8°, en derde lid, is van toepassing met ingang van het aanslagjaar 2010 (art. 9, W 27.03.2009 - B.S. 07.04.2009; Numac: 2009201450)


Op de belastingen met betrekking tot pensioenen en vervangingsinkomsten worden de volgende verminderingen verleend:

1° als het netto-inkomen uitsluitend uit pensioenen of andere vervangingsinkomsten bestaat: 1.344,57 euro;

2° als het netto-inkomen gedeeltelijk uit pensioenen of andere vervangingsinkomsten bestaat: een gedeelte van het in 1° bedoelde bedrag, welk gedeelte evenredig is met de verhouding tussen, enerzijds, het netto bedrag van de pensioenen en de andere vervangingsinkomsten en, anderzijds, het netto-inkomen met uitsluiting:

a) van het loon dat bij de nieuwe werkgever wordt verkregen of van het inkomen dat uit een nieuwe zelfstandige beroepsactiviteit wordt verkregen, in geval van het verkrijgen van:

- ofwel, een in artikel 31 bis, derde lid, 2°, bedoelde aanvullende vergoeding;

- ofwel, een in artikel 31 bis, derde lid, 2°, bedoelde aanvullende vergoeding samen met een in artikel 31 bis, eerste lid, 1°, eerste streepje, en tweede lid, bedoelde aanvullende vergoeding;

- ofwel, een in artikel 31bis, eerste lid, 1°, tweede streepje, en tweede lid, bedoelde aanvullende vergoeding;

b) van de activiteitsinkomsten, in geval van het verkrijgen door een belastingplichtige die de wettelijke pensioenleeftijd heeft bereikt, van een wettelijk pensioen dat het bedrag bedoeld in artikel 154, § 2, 1°, niet overschrijdt of in geval van het verkrijgen van een overlevingspensioen;

3° (...)

4° (...)

5° als het netto-inkomen uitsluitend uit werkloosheidsuitkeringen ingevolge tijdelijke werkloosheid bestaat: 1.344,57 euro;

6° als het netto-inkomen gedeeltelijk uit werkloosheidsuitkeringen ingevolge tijdelijke werkloosheid bestaat: een gedeelte van het in 5° bedoelde bedrag, welk gedeelte evenredig is met de verhouding tussen het nettobedrag van werkloosheidsuitkeringen ingevolge tijdelijke werkloosheid enerzijds en het netto-inkomen anderzijds;

7° als het netto-inkomen uitsluitend uit werkloosheidsuitkeringen, met uitsluiting van de in 5° bedoelde werkloosheidsuitkeringen, bestaat:

a) voor een belastingplichtige die alleen wordt belast: 1.344,57 euro;

b) voor de echtgenoten samen wanneer een gemeenschappelijke aanslag wordt gevestigd: 1.569,96 euro;

8° als het netto-inkomen gedeeltelijk uit werkloosheidsuitkeringen, met uitsluiting van de in 5° bedoelde werkloosheidsuitkeringen, bestaat: een gedeelte van de in 7° vermelde bedragen, welk gedeelte evenredig is met de verhouding tussen het nettobedrag van de werkloosheidsuitkeringen, met uitsluiting van de in 5° bedoelde werkloosheidsuitkeringen, enerzijds en het netto-inkomen anderzijds;

9° als het netto-inkomen uitsluitend uit wettelijke ziekte- en invaliditeitsuitkeringen bestaat: 1.725,98 euro;

10° als het netto-inkomen gedeeltelijk uit wettelijke ziekte- en invaliditeitsuitkeringen bestaat: een gedeelte van het in 9° vermelde bedrag, welk gedeelte evenredig is met de verhouding tussen het nettobedrag van de wettelijke ziekte- en invaliditeitsuitkeringen enerzijds en het netto-inkomen anderzijds.

Onder activiteitsinkomsten als bedoeld in het eerste lid, 2°, wordt verstaan de beroepsinkomsten verminderd met:

1° de in artikel 23, § 1, 5°, bedoelde inkomsten;

2° de vergoedingen verkregen tot volledig of gedeeltelijk herstel van een tijdelijke derving van inkomsten.

Onder werkloosheidsuitkeringen ingevolge tijdelijke werkloosheid als bedoeld in het eerste lid, 5° en 6°, worden verstaan de wettelijke en extrawettelijke werkloosheidsuitkeringen betaald aan een tijdelijke werkloze als bedoeld in de artikelen 26, 28 en 49 tot 51 van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten en de artikelen 27, 106 tot 108bis en 133 van het koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de werkloosheidsreglementering.