Artikel 154, WIB 92

Art. 154 is van toepassing vanaf het aanslagjaar 2005 (art. 40, W 10.08.2001 - B.S. 20.09.2001; Numac: 2001003402)


Geen belasting is verschuldigd wanneer het totale netto-inkomen uitsluitend bestaat uit:

1° pensioenen of vervangingsinkomsten en het totale bedrag van die inkomsten niet hoger is dan het maximumbedrag van de wettelijke werkloosheidsuitkering, de anciënniteitstoeslag voor oudere werklozen niet inbegrepen;

2° brugpensioenen oud stelsel en het bedrag van die inkomsten niet hoger is dan het maximumbedrag van het bij de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17 van 19 december 1974 bedoelde brugpensioen;

3° werkloosheidsuitkeringen en het bedrag van die uitkeringen niet hoger is dan het maximumbedrag van de wettelijke werkloosheidsuitkering, in voorkomend geval met inbegrip van de anciënniteitstoeslag voor oudere werklozen, indien de belastingplichtige op 1 januari van het aanslagjaar de leeftijd van 50 jaar heeft bereikt;

4° wettelijke ziekte- en invaliditeitsuitkeringen en het bedrag van die inkomsten niet hoger is dan tien negenden van het maximumbedrag van de wettelijke werkloosheidsuitkering, de anciënniteitstoeslag voor oudere werklozen niet inbegrepen.

Wanneer een gemeenschappelijke aanslag wordt gevestigd, worden de totale netto-inkomens van de beide echtgenoten samengeteld voor de toepassing van het eerste lid.