Artikel 203, WIB 92

Art. 203, tweede lid, 3°, is van toepassing vanaf 02.01.1995 (art. 100, W 21.12.1994 - B.S. 23.12.1994; Numac: 1994021468)


De in artikel 202, 1° en 2°, vermelde inkomsten zijn slechts aftrekbaar:

1° indien ze worden verleend of toegekend door binnenlandse vennootschappen of door buitenlandse vennootschappen die aan een belasting van gelijke aard als de vennootschapsbelasting zijn onderworpen;

2° en in zoverre ze op de datum van toekenning of betaalbaarstelling van de dividenden, de verkrijgende vennootschap in het kapitaal van de vennootschap die de inkomsten uitkeert een deelneming bezit van ten minste 5 % of met een aanschaffingswaarde van ten minste 50 miljoen frank;

Die inkomsten zijn evenwel niet aftrekbaar indien ze worden verleend of toegekend:

1° door een buitenlandse vennootschap die gevestigd is in een land waar de gemeenrechtelijke bepalingen inzake belastingen aanzienlijk gunstiger zijn dan in België;

2° door een holding of financieringsvennootschap die in het land waar zij is gevestigd aan een belastingregeling is onderworpen die afwijkt van het gemeen recht;

3° door een belegginsgsvennootschap, namelijk een vennootschap die het gemeenschappelijk beleggen van kapitaal tot doel heeft;

4° door een buitenlandse vennootschap in zover zij inkomsten uitkeert die zelf niet voldoen aan de voorwaarden van aftrek.

Het eerste lid, 2°, is niet van toepassing op de inkomsten die worden verkregen:

1° door kredietinstellingen vermeld in artikel 56, § 1;

2° door verzekeringsondernemingen vermeld in artikel 56, § 2, 2°, h;

3° door beursvennootschappen vermeld in artikel 35 van de wet van 4 december 1990.

Het eerste lid is niet van toepassing op inkomsten die worden verleend of toegekend door intercommunales beheerst door de wet van 22 december 1986.

Het tweede lid, 2° en 3°, is niet van toepassing voor zover het bewijs wordt geleverd dat de inkomsten voortkomen uit door die vennootschappen verkregen inkomsten die zelf aan de voor aftrek gestelde voorwaarden voldoen.