Artikel 219, WIB 92
Art. 219, eerste, tweede en vierde lid, is van toepassing met ingang van het aanslagjaar 2007 (art. 20 en 27, progW 27.12.2006 - B.S. 28.12.2006; Numac: 2006021362 - err. B.S. 24.01.2007 - err. B.S. 13.02.2007 - err. B.S. 23.02.2007)
Een afzonderlijke aanslag wordt gevestigd op kosten als bedoeld in artikel 57 en op voordelen van alle aard als bedoeld in de artikelen 31, tweede lid, 2°, en 32, tweede lid, 2°, die niet worden verantwoord door individuele fiches en een samenvattende opgave alsmede op de verdoken meerwinsten die niet onder de bestanddelen van het vermogen van de vennootschap worden teruggevonden.
Die aanslag is gelijk aan 300 % van die kosten, voordelen van alle aard en verdoken meerwinsten.
Als verdoken meerwinsten worden niet aangemerkt, de reserves als bedoeld in artikel 24, eerste lid, 2° tot 4°.
Deze aanslag is niet van toepassing indien de belastingplichtige aantoont dat het bedrag van de kosten, vermeld in artikel 57 of van de voordelen van alle aard als bedoeld in de artikelen 31, tweede lid, 2°, en 32, tweede lid, 2°, begrepen is in een door de genieter overeenkomstig artikel 305 ingediende aangifte.
