Artikel 26, WIB 92
Art. 26 is van toepassing met ingang van het aanslagjaar 1992 (art. 24, WIB; art. 1, KB 10.04.1992 - B.S. 30.07.1992; Numac: 1992003456)
Wanneer een in België gevestigde onderneming zich rechtstreeks of onrechtstreeks in enigerlei band van wederzijdse afhankelijkheid bevindt ten aanzien van een in het buitenland gevestigde onderneming, worden alle abnormale of goedgunstige voordelen die zij wegens die band verleent aan laatstbedoelde onderneming, of aan personen en ondernemingen die met deze belangen gemeen hebben, bij haar eigen winsten gevoegd.
Het eerste lid is mede van toepassing op de abnormale of goedgunstige voordelen die worden verleend aan een persoon of een onderneming die krachtens de bepalingen van de wetgeving van het land waar zij gevestigd zijn, aldaar aan een aanzienlijk gunstiger belastingregeling zijn onderworpen dan die waaraan de in België gevestigde onderneming is onderworpen.
Bij de eigen winsten van een onderneming wordt eveneens gevoegd het bedrag van alle abnormale of goedgunstige voordelen die zij verleent aan natuurlijke of rechtspersonen, behalve wanneer die voordelen rechtstreeks [of] onrechtstreeks in aanmerking komen voor het bepalen van de belastbare inkomsten van de verkrijgers.
