Artikel 275^3, WIB 92

Art. 275^3 is van toepassing op de bezoldigingen en ploegen- en nachtpremies betaald of toegekend vanaf 01.01.2006 (art. 106 en 113, W 23.12.2005 - B.S. 30.12.2005; Numac: 2005021175 - err. B.S. 31.01.2006 - err. B.S. 30.09.2008)


De universiteiten en hogescholen die bezoldigingen uitbetalen of toekennen aan assistent-onderzoekers en het Nationaal Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek alsmede het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek-Vlaanderen die bezoldigingen uitbetalen of toekennen aan postdoctorale onderzoekers en die krachtens artikel 270, 1°, bedrijfsvoorheffing op die bezoldigingen verschuldigd zijn, worden vrijgesteld van het storten aan de Schatkist, van 50 % van die bedrijfsvoorheffing, op voorwaarde dat ze op die bezoldigingen 100 % van die bedrijfsvoorheffing inhouden.

De in het eerste lid bedoelde vrijstelling van storting, van de bedrijfsvoorheffing wordt ook toegekend aan de wetenschappelijke instellingen die daartoe worden erkend bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad en die bezoldigingen uitbetalen of toekennen ofwel aan assistent-onderzoekers ofwel aan postdoctorale onderzoekers.

Dezelfde vrijstelling van storting wordt ook toegekend aan ondernemingen die bezoldigingen uitbetalen of toekennen aan onderzoekers die aan onderzoeksprojecten werken ter uitvoering van samenwerkingsovereenkomsten afgesloten met in het eerste en tweede lid bedoelde universiteiten of hogescholen, gevestigd in de Europese Economische Ruimte, of erkende wetenschappelijke instellingen. Die vrijstelling geldt enkel voor de bedrijfsvoorheffing op de bezoldigingen die in het kader van het onderzoeksproject uitbetaald zijn tijdens de duurtijd van dat project voor zover die betrekking hebben op een effectieve tewerkstelling in het onderzoeksproject.

Om de in het eerste tot het derde lid bedoelde vrijstelling van storting van de bedrijfsvoorheffing te verkrijgen, moet de werkgever tot staving van zijn aangifte in de bedrijfsvoorheffing het bewijs leveren dat de werknemers in hoofde van wie de vrijstelling wordt gevraagd, gedurende de periode waarop die aangifte in de bedrijfsvoorheffing betrekking heeft, ofwel effectief tewerkgesteld werden als assistent-onderzoekers of postdoctorale onderzoekers ofwel effectief werden tewerkgesteld als onderzoekers voor de verwezenlijking van de in het derde lid beoogde onderzoeksprojecten. De Koning bepaalt de wijze waarop dat bewijs wordt geleverd.

De Koning kan voor de universiteiten of hogescholen, gevestigd in de Europese Economische Ruimte, of voor de erkende wetenschappelijke instellingen als bedoeld in het eerste lid, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, het percentage van 50 % verhogen tot maximaal 75 %.