Artikel 344, WIB 92

Art. 344 is van toepassing met ingang van het aanslagjaar 1992 (art. 250, WIB; art. 1, KB 10.04.1992 - B.S. 30.07.1992; Numac: 1992003456)


Aan de administratie der directe belastingen kan niet worden tegengeworpen, de akte van verkoop, cessie of inbreng van aandelen, obligaties, schuldvorderingen of andere titels tot vestiging van leningen, uitvindingsoctrooien, fabricageprocédés, fabrieks of handelsmerken en alle andere, soortgelijke rechten, aan een in het buitenland gevestigde holdingvennootschap die er onderworpen is aan een belastingregeling die afwijkt van het gemeen recht, tenzij de belastingplichtige bewijst dat de verrichting aan rechtmatige behoeften van financiële of economische aard tegemoet komt, of wel dat hij voor de verrichting een werkelijke tegenwaarde heeft ontvangen die een bedrag aan inkomsten opbrengt waarop in België een werkelijke belastingdruk weegt die, vergeleken met de belastingdruk welke zonder die verrichting zou bestaan, als normaal kan worden aangemerkt.

Het eerste lid is mede van toepassing wanneer de bedoelde akte is aangegaan met een persoon of onderneming die krachtens de bepalingen van de wetgeving van het land waar zij zijn gevestigd, ter zake van de inkomsten uit de vervreemde goederen of rechten, aldaar aan een aanzienlijk gunstiger belastingregeling zijn onderworpen dan die waaraan soortgelijke inkomsten in België zijn onderworpen.