Artikel 376quinquies, WIB 92
Art. 376quinquies, § 1, is van toepassing vanaf 16.05.2016 (art. 14, W 27.04.2016 - B.S. 06.05.2016; Numac: 2016003144)
§ 1. Ingeval een bezwaarschrift werd ingediend bij de adviseur-generaal van de administratie belast met de vestiging van de inkomstenbelastingen of wanneer om de toepassing van artikel 376 werd verzocht, kan de belastingschuldige, evenals zijn echtgenoot op wiens goederen de aanslag wordt ingevorderd, een aanvraag tot bemiddeling indienen bij de fiscale bemiddelingsdienst bedoeld bij artikel 116 van de wet van 25 april 2007 houdende diverse bepalingen (IV).
§ 2. De aanvraag tot bemiddeling is onontvankelijk wanneer de belastingschuldige vooraf een vordering bij de rechtbank van eerste aanleg heeft ingesteld of wanneer reeds uitspraak werd gedaan over het bezwaar of over de toepassing van artikel 376.
Wanneer de belastingschuldige een vordering bij de rechtbank van eerste aanleg heeft ingesteld of wanneer reeds uitspraak werd gedaan over het bezwaar of over de toepassing van artikel 376, vóór de kennisgeving van het bemiddelingsverslag, is de fiscale bemiddelingsdienst ontheven van zijn bevoegdheid.
