Artikel 400, WIB 92
Art. 400, eerste lid, 1°, a), treedt in werking op de eerste dag van het kwartaal dat volgt op het kwartaal waarin het is bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad (01.04.2019) (art. 74 en 75, W 21.12.2018 - B.S. 17.01.2019; Numac: 2018206244)
Voor de toepassing van de artikelen 401 tot 408 wordt verstaan onder:
1° Werken:
a) de werkzaamheden die zijn vermeld in artikel 20, § 2, van het koninklijk besluit nr. 1 van 29 december 1992 met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde alsook de levering van stortklaar beton als bedoeld in artikel 1, a, vierde lid, achtentwintigste streepje van het koninklijk besluit van 4 maart 1975 tot oprichting en tot vaststelling van de benaming en van de bevoegdheid van het Paritair Comité voor het bouwbedrijf en tot vaststelling van het aantal leden ervan, met uitzondering van de volgende werkzaamheden:
1) teelt van granen (met uitzondering van rijst), peulgewassen en oliehoudende zaden;
2) teelt van rijst;
3) teelt van groenten, meloenen en wortel- en knolgewassen;
4) teelt van suikerriet;
5) teelt van tabak;
6) teelt van vezelgewassen;
7) teelt van bloemen;
8) teelt van andere eenjarige gewassen;
9) teelt van druiven;
10) teelt van tropisch en subtropisch fruit;
11) teelt van citrusvruchten;
12) teelt van pit- en steenvruchten;
13) teelt van andere boomvruchten, kleinfruit en noten;
14) teelt van oliehoudende vruchten;
15) teelt van gewassen bestemd voor de vervaardiging van dranken;
16) teelt van specerijgewassen en van aromatische en medicinale gewassen;
17) teelt van andere meerjarige gewassen;
18) boomkwekerijen, met uitzondering van bosboomkwekerijen;
19) overige plantenvermeerdering;
20) ondersteunende activiteiten in verband met de teelt van gewassen;
21) voorbereiden van landbouwvelden;
22) opzetten van een teelt;
23) besproeien van gewassen ook vanuit de lucht;
24) snoeien van fruitbomen en van wijnstokken;
25) overplanten van rijst en uitdunnen van bieten;
26) verhuur van landbouwmachines en -werktuigen met bedieningspersoneel;
27) ongediertebestrijding (ook konijnen) met betrekking tot de landbouw;
28) exploitatie van irrigatiesystemen voor de landbouw;
29) bosbouw en andere bosbouwactiviteiten;
30) exploitatie van bossen;
31) verzamelen van in het wild groeiende producten met uitzondering van hout;
32) ondersteunende diensten in verband met de bosbouw;
33) landschapsverzorging.
b) de door de Koning bepaalde activiteiten of werkzaamheden;
2° Opdrachtgever: eenieder die de opdracht geeft om tegen een prijs werken uit te voeren of te laten uitvoeren;
3° Aannemer:
- eenieder die er zich toe verbindt om tegen een prijs voor een opdrachtgever werken uit te voeren of te laten uitvoeren;
- iedere onderaannemer ten overstaan van de na hem komende onderaannemers;
- wanneer de Koning gebruik heeft gemaakt van de delegatie die hem is gegeven in het tweede lid, de aannemer die gelijkgesteld wordt met de opdrachtgever.
4° Onderaannemer: eenieder die er zich toe verbindt, hetzij rechtstreeks, hetzij onrechtstreeks, in welk stadium ook, tegen een prijs het aan de aannemer toevertrouwde werk of een onderdeel ervan uit te voeren of te laten uitvoeren of daartoe werknemers ter beschikking te stellen.
De Koning kan, voor de in het eerste lid, 1°, b, bedoelde activiteiten of werkzaamheden, na eenparig advies van de bevoegde paritaire comités of subcomités, de aannemer gelijkstellen met de opdrachtgever. In dat geval neemt deze aannemer alle rechten en plichten beoogd in de artikelen 401 tot 408 over van de opdrachtgever.
