Artikel 460, WIB 92
Art. 460, § 2, tweede lid, is van toepassing vanaf 01.11.2012 (art. 6, W 20.09.2012 - B.S. 22.10.2012; Numac: 2012009416)
§ 1. De strafvordering wordt uitgeoefend door het openbaar ministerie.
§ 2. Het openbaar ministerie kan echter geen vervolgingen instellen, indien het kennis heeft gekregen van de feiten ten gevolge van een klacht of een aangifte van een ambtenaar die niet de machtiging had waarvan sprake is in artikel 29, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering.
Het openbaar ministerie kan de strafrechtelijk strafbare feiten vervolgen waarvan het tijdens het in artikel 29, derde lid, van het Wetboek van strafvordering bedoelde overleg kennis heeft genomen.
Bron: FisconetPlus
