Artikel 81, WIB 92

Art. 81 is van toepassing met ingang van het aanslagjaar 1992 (art. 62, WIB; art. 13, W 07.12.1988; art. 1, KB 10.04.1992 - B.S. 30.07.1992; Numac: 1992003456)

Van de beroepsinkomsten, daaronder niet begrepen de inkomsten die ingevolge artikel 171 afzonderlijk worden belast, worden de volgende tijdens het belastbare tijdperk werkelijk gedane uitgaven afgetrokken onder de voorwaarden en binnen de grenzen als bepaald in de artikelen 82 tot 85:

1° bijdragen van aanvullende verzekering tegen ouderdom en vroegtijdige dood die de belastingplichtige tot uitvoering van een individueel gesloten levensverzekeringscontract definitief in België heeft betaald voor het vestigen van een rente of van een kapitaal bij leven of bij overlijden;

2° betalingen voor de aflossing of wedersamenstelling van hypothecaire leningen die zijn aangegaan om een in België gelegen woning te bouwen, te verwerven of te verbouwen en gewaarborgd zijn door een tijdelijke verzekering bij overlijden met afnemend kapitaal;

3° betalingen in geld voor aandelen waarop de belastingplichtige als werknemer heeft ingeschreven en die een fractie vertegenwoordigen van het maatschappelijk kapitaal van de binnenlandse vennootschap die de belastingplichtige tewerkstelt of waarvan de vennootschap werkgeefster in de zin van de wetgeving op de boekhouding en de jaarrekening van de ondernemingen onweerlegbaar wordt geacht een dochter of kleindochteronderneming te zijn.