Artikel 97, WIB 92

Art. 97, § 1, is van toepassing op de meerwaarden gerealiseerd hetzij op beursgenoteerde aandelen, opties, warrants of andere financiële instrumenten verworven vanaf 01.01.2016 onder bezwarende titel, of, in geval van ongedekte verkoop, verkocht vanaf 01.01.2016 (art. 56 en 85, W 26.12.2015 - B.S. 30.12.2015; Numac: 2015206007 - err. B.S. 25.01.2016)

[GRONDWETTELIJK HOF: uittreksel uit arrest nr. 124/2023 van 21.09.2023 (rolnummer 7852; B.S. 29.01.2024; Numac: 2024000453):
Artikel 90, eerste lid, 9°, eerste streepje, junctis de artikelen 97 en 102, eerste lid, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, zoals van toepassing in het aanslagjaar 2017, schenden de artikelen 10, 11 en 172 van de Grondwet in zoverre zij niet voorzien in een aftrek van de kosten die zijn gemaakt door de belastingplichtigen die diverse inkomsten vermeld in artikel 90, eerste lid, 9°, eerste streepje, van het WIB 1992 verkrijgen.]


§ 1. De in artikel 90, eerste lid, 1°, vermelde inkomsten worden naar het netto bedrag ervan in aanmerking genomen, dit is het bruto bedrag verminderd met de kosten waarvan de belastingplichtige het bewijs levert dat zij tijdens het belastbare tijdperk zijn gedaan of gedragen om die inkomsten te verkrijgen of te behouden.

§ 2. Voorzover de in artikel 38, § 4, gestelde voorwaarden die van overeenkomstige toepassing zijn, worden nageleefd, wordt geen rekening gehouden met de forfaitaire onkostenvergoedingen toegekend wegens het leveren van artistieke prestaties en/of het produceren van artistieke werken voor rekening van een opdrachtgever voor een maximumbedrag van 2.000 euro (basisbedrag) per kalenderjaar.