Artikel 145^19, WIB 92
Art. 145^19, derde lid, is opgeheven met ingang van het aanslagjaar 2001 (art. 6, W 17.05.2000 - B.S. 16.06.2000; Numac: 2000003350 - err. B.S. 12.08.2000)
De in artikel 145^17, 1° en 2° bedoelde bijdragen en betalingen komen voor de verhoogde vermindering in aanmerking onder dezelfde voorwaarden als respectievelijk in de artikelen 145^4 en 145^5, eerste lid, vermeld zijn.
Daarenboven komen de bedoelde bijdragen en betalingen slechts voor de verhoogde vermindering in aanmerking in zoverre zij betrekking hebben op de eerste schijf van 2.000.000 frank, 2.100.000 frank, 2.200.000 frank, 2.400.000 frank of 2.600.000 frank van het aanvangsbedrag van de voor de enige woning aangegane leningen, naargelang de belastingplichtige geen, een, twee, drie of meer dan drie kinderen ten laste heeft. Het aantal kinderen ten laste wordt geteld op 1 januari van het jaar na dat waarin het leningscontract is gesloten.
(...)
