Artikel 234, WIB 92
Art. 234, 5°, is van toepassing op de aandelen uitgeleend vanaf 14.04.1999 (art. 55 en 61, W 10.03.1999 - B.S. 14.04.1999; Numac: 1999003142)
Voor belastingplichtigen vermeld in artikel 227, 3°, wordt de belasting gevestigd:
1° op het deel van het nettobedrag van de huurprijs en de huurvoordelen van in België gelegen onroerende goederen dat meer bedraagt dan het kadastraal inkomen van die goederen, behoudens indien het betreft:
- goederen verhuurd aan een natuurlijke persoon die die goederen noch geheel noch gedeeltelijk gebruikt voor het uitoefenen van zijn beroepswerkzaamheid;
- goederen verhuurd overeenkomstig de pachtwetgeving en die door de huurder voor land of tuinbouw worden gebruikt;
- andere goederen mits de huurder geen winstoogmerken nastreeft en die goederen worden gebruikt voor een van de bestemmingen vermeld in artikel 12, § 1;
2° op de bedragen verkregen bij vestiging of overdracht van een recht van erfpacht of van opstal of van gelijkaardige onroerende rechten met betrekking tot een in België gelegen onroerend goed, behoudens de uitzonderingen vermeld in het 1°;
3° op de werkgeversbijdragen voor aanvullende verzekering tegen ouderdom en vroegtijdige dood, de pensioenen, renten of als zodanig geldende toelagen als vermeld in artikel 52, 3°, b, en 5°, in zover die niet voldoen aan het bepaalde in artikel 59;
4° op de kosten vermeld in artikel 57, die niet worden verantwoord door individuele fiches en een samenvattende opgave.
5° op de vergoeding toegekend voor ontbrekende coupon als vermeld in artikel 18, eerste lid, 3°.
