Artikel 134, WIB 92

Met ingang van het aanslagjaar 2002 wordt het in dit artikel opgenomen bedrag in euro uitgedrukt (art. 1, KB 20.07.2000 - B.S. 30.08.2000; Numac: 2000003467 - err. B.S. 08.03.2001; en art. 42, 5°, KB 13.07.2001 - B.S. 11.08.2001; Numac: 2001003362 - err. B.S. 21.12.2001)


Het in artikel 131, 2°, vermelde basisbedrag wordt aangerekend op datgene van de in artikel 127, vermelde inkomensdelen dat bestaat uit de inkomsten van de betrokken echtgenoot of die inkomsten omvat. Wanneer één van die inkomensdelen lager is dan 3.250 euro, wordt het saldo aangerekend op het andere inkomensdeel.

Daarna worden de in de artikelen 132 en 133, 2° en 3°, vermelde toeslagen bij voorrang aangerekend op het inkomensdeel van de echtgenoot met het hoogste beroepsinkomen. Wanneer dat inkomensdeel lager is dan het totaal van die toeslagen wordt het saldo aangerekend op het andere inkomensdeel.

De belastingvrije som wordt aangerekend op de opeenvolgende inkomensschijven, te beginnen met de eerste.