Artikel 134, WIB 92
Art. 134 treedt in werking vanaf aanslagjaar 2013 (art. 15 en 39, 8ste lid, W 13.12.2012 - B.S. 20.12.2012; Numac: 2012003381)
§ 1. De belastingvrije som wordt vastgesteld als het totaal van het, eventueel verhoogde, basisbedrag en de toeslagen vermeld in de artikelen 132 en 133.
§ 2. De belastingvrije som wordt aangerekend op de opeenvolgende inkomensschijven, te beginnen met de eerste.
§ 3. Het deel van de belastingvrije som dat na toepassing van de §§ 1 en 2 niet is aangerekend, wordt in de mate dat het betrekking heeft op de toeslagen vermeld in artikel 132, eerste lid, 1° tot 6°, omgezet in een terugbetaalbaar belastingkrediet.
Het belastingkrediet is gelijk aan 25 % van het deel van de belastingvrije som dat met toepassing van het eerste lid kan worden omgezet, met een maximum van 250 euro per kind ten laste.
Deze paragraaf is niet van toepassing:
- op de belastingplichtige die beroepsinkomsten heeft die bij overeenkomst zijn vrijgesteld en die niet in aanmerking komen voor de berekening van de belasting op zijn andere inkomsten;
- op de echtgenoot van een in het eerste streepje vermelde belastingplichtige die overeenkomstig artikel 126, § 2, eerste lid, 4°, alleen wordt belast.
§ 4. Wanneer een gemeenschappelijke aanslag wordt gevestigd, wordt als volgt gehandeld:
1° de belastingvrije som wordt per echtgenoot vastgesteld;
2° de toeslagen vermeld in artikel 132 worden aangerekend bij de echtgenoot met het hoogste belastbare inkomen;
3° wanneer het belastbare inkomen van één van beide echtgenoten lager is dan zijn belastingvrije som, wordt het saldo bij de belastingvrije som van de andere echtgenoot gevoegd;
4° voor de toepassing van § 3 worden de belastingvrije sommen van beide echtgenoten samengevoegd om vast te stellen in welke mate het deel van de belastingvrije som dat na toepassing van de punten 1 tot 3 niet is aangerekend, betrekking heeft op de toeslagen vermeld in artikel 132, eerste lid, 1° tot 6°, en kan worden omgezet in een terugbetaalbaar belastingkrediet.
