Artikel 264, WIB 92
Art. 264, eerste lid, 1°, a) (franstalige tekst), is van toepassing vanaf 10.01.2010 (art. 42, 2°, W 22.12.2009 - B.S. 31.12.2009; Numac: 2009003483 - err. B.S. 02.04.2010 - err. B.S. 14.03.2011)
Art. 264, eerste lid, 1°, a) en b), heeft uitwerking:
- met ingang van 17.02.1997 wat de aanpassingen betreft inzake intercommunales als bedoeld in het decreet van het Waalse Gewest van 05.12.1996 betreffende de Waalse intercommunales,
- met ingang van 10.11.2001 wat de aanpassingen betreft inzake samenwerkingsverbanden als bedoeld in het decreet van de Vlaamse Gemeenschap van 06.07.2001 houdende de intergemeentelijke samenwerking en
- met ingang van 23.08.2006 wat de aanpassingen betreft inzake projectverenigingen als bedoeld in het decreet van het Waalse Gewest van 19.07.2006 tot wijziging van Boek V van het eerste deel van het Wetboek van de plaatselijke democratie en de decentralisatie en betreffende de wijzen van samenwerking tussen de gemeenten
(art. 42, 1° en 3°, en 43, W 22.12.2009 - B.S. 31.12.2009; Numac: 2009003483 - err. B.S. 02.04.2010 - err. B.S. 14.03.2011)
De roerende voorheffing is niet verschuldigd op het gedeelte van dividenden:
1° dat wordt verleend of toegekend:
a) aan de Staat, de Gemeenschappen, Gewesten, provincies, agglomeraties, federaties van gemeenten, gemeenten, openbare centra voor maatschappelijk welzijn, intercommunale openbare centra voor maatschappellijk welzijn, zomede aan in artikel 180, 1°, bedoelde intercommunales, samenwerkingsverbanden en projectverenigingen waarvan de aandelen uitsluitend eigendom zijn van de Staat, de Gemeenschappen, Gewesten, provincies, agglomeraties, federaties van gemeenten, gemeenten en openbare centra voor maatschappelijk welzijn en intercommunale openbare centra voor maatschappellijk welzijn;
b) door een in artikel 180, 1°, bedoelde intercommunale, samenwerkingsverband of projectvereniging aan een andere hierboven beschreven intercommunale, samenwerkingsverband of projectvereniging;
2° dat, in geval van fusie, splitsing, met fusie door overneming gelijkgestelde verrichting of met splitsing gelijkgestelde verrichting als vermeld in artikel 211, § 1:
- in artikel 210, § 1, 1° en 1°bis wordt bedoeld, wanneer de inbreng niet volledig wordt vergoed met nieuwe aandelen als bedoeld in artikel 211, § 2, derde lid, omdat de overnemende of verkrijgende vennootschappen in bezit zijn van aandelen van de overgenomen of gesplitste vennootschap;
- in artikel 186 wordt vermeld, wanneer de overnemende of verkrijgende vennootschappen onder algemene titel, eigen aandelen verkrijgen;
2°bis dat in artikel 186 wordt vermeld, wanneer een vennootschap eigen aandelen verkrijgt die zijn toegelaten tot een Belgische of buitenlandse gereglementeerde markt als bedoeld in artikel 2, 5° of 6°, van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten, of tot een door de Koning, op advies van de Commissie voor het Bank-, Financie- en Assurantiewezen, voor de toepassing van dit artikel daarmee erkende gelijkgestelde andere gereglementeerde markt, voor zover de verhandeling plaatsvindt op de centrale beursmarkt van Euronext of op een analoge markt;
2°ter dat wordt verleend of toegekend bij gedeeltelijke verdeling van het maatschappelijk vermogen of bij verkrijging van eigen aandelen door een door de Nationale Raad van de Coöperatie erkende coöperatieve vennootschap;
3° dat, in geval van opneming van gereserveerde winst, gelijk is:
a) aan de bedragen die van de gereserveerde winst zijn afgetrokken als definitief belaste reserves, aangelegd tijdens de aanslagjaren 1973 en vorige.
b) aan de winst die vroeger ten name van de vennoten is belast.
Voor de toepassing van deze bepaling stelt de Koning de volgorde vast voor het aanrekenen van die opnemingen op de verschillende bestanddelen van de gereserveerde winst.
