Artikel 269, WIB 92

Art. 269, eerste lid, 1°, is van toepassing op inkomsten toegekend of betaalbaar gesteld vanaf 01.01.1994 (art. 31 en 34, § 3, W 24.12.1993 - B.S. 31.12.1993; Numac: 1993021426)


De aanslagvoet van de roerende voorheffing is vastgesteld op:

1° 13 % voor inkomsten van roerende goederen en kapitalen, niet zijnde dividenden, alsmede voor diverse inkomsten als vermeld in artikel 90, 5° tot 7°;

2° 25 % voor dividenden.

De aanslagvoet van 25 % wordt evenwel tot 20 % verlaagd voor dividenden van aandelen die inbrengen in geld vertegenwoordigen die in 1982 of in 1983 zijn gedaan met het oog op verrichtingen als vermeld in artikel 2 van het koninklijk besluit nr. 15 van 9 maart 1982, gewijzigd bij het koninklijk besluit nr. 150 van 30 december 1982, bij artikel 78 van de Herstelwet van 31 juli 1984 en bij artikel 9 van de wet van 22 februari 1990, en die zijn verleend of toegekend voor de vijf, de tien of de negen eerste boekjaren waarvoor die inkomsten van personenbelasting zijn vrijgesteld krachtens artikel 3, § 1, van het voormelde koninklijk besluit nr. 15.