Artikel 366, WIB 92
Art. 366 is van toepassing vanaf 10.01.2005 (art. 376, progW 27.12.2004 - B.S. 31.12.2004; Numac: 2004021170 - err. B.S. 18.01.2005)
De belastingschuldige, alsmede zijn echtgenoot op wiens goederen de aanslag wordt ingevorderd, kan tegen het bedrag van de gevestigde aanslag, opcentiemen, verhogingen en boeten inbegrepen, schriftelijk bezwaar indienen bij de directeur der belastingen in wiens ambtsgebied de aanslag, de verhoging en de boete zijn gevestigd.
Het bezwaarschrift blijft evenwel geldig ingediend wanneer het gebracht wordt voor een andere directeur van de belastingen dan deze bedoeld in het eerste lid.
Wanneer het bezwaarschrift gericht wordt aan een andere directeur van de belastingen, zendt deze het van ambtswege door aan de territoriaal bevoegde directeur en stelt de bezwaarindiener hiervan in kennis.
