Artikel 225, WIB 92

Art. 225, tweede lid, 5°, is van toepassing op de voordelen van alle aard toegekend vanaf 01.01.2012 (art. 48 en 52, W 28.12.2011 - B.S. 30.12.2011; Numac: 2011021115)


De belasting met betrekking tot in artikel 221 vermelde inkomsten is gelijk aan de onroerende en roerende voorheffing.

De belasting wordt berekend:

1° tegen het tarief van 20 % op de inkomsten vermeld in artikel 222, 1° tot 3°;

2° tegen het tarief van 33 % of van 16,5 % op in artikel 222, 4°, vermelde meerwaarden, volgens het onderscheid in artikel 171, 1°, b, en 4°, d;

3° tegen het tarief van 16,5 % op in artikel 222, 5° en 6°, vermelde meerwaarden;

4° tegen het tarief van 300 % op in artikel 223, eerste lid, 1°, vermelde niet verantwoorde kosten en voordelen van alle aard en op in artikel 223, eerste lid, 3°, vermelde financiële voordelen of voordelen van alle aard;

5° tegen het tarief bedoeld in artikel 215, eerste lid, op de in artikel 223, eerste lid, 2°, bedoelde bijdragen, premies, pensioenen, renten en toelagen, op de in artikel 223, eerste lid, 3°, bedoelde financiële voordelen of voordelen van alle aard en op het in artikel 223, eerste lid, 4°, bedoelde bedrag gelijk aan 17 % van het voordeel van alle aard;

6° tegen het tarief van 15 % op in artikel 224 vermelde dividenden.