Artikel 225, WIB 92

Art. 225, tweede lid, 4°, is van toepassing met ingang van het aanslagjaar 2007 (art. 22 en 27, W 27.12.2006 - B.S. 28.12.2006; Numac: 2006021362 - err. B.S. 24.01.2007 - err. B.S. 13.02.2007 - err. B.S. 23.02.2007; art. 22 ingetrokken door art. 135, W 22.12.2008 - B.S. 29.12.2008; Numac: 2008021119 - err. B.S. 10.02.2009- err. B.S. 24.12.2009)


De belasting met betrekking tot in artikel 221 vermelde inkomsten is gelijk aan de onroerende en roerende voorheffing.

De belasting wordt berekend:

1° tegen het tarief van 20 % op inkomsten vermeld in artikel 222, 1° tot 3°;

2° tegen het tarief van 33 % of van 16,5 % op in artikel 222, 4°, vermelde meerwaarden, volgens het onderscheid in artikel 171, 1°, b, en 4°, d;

3° tegen het tarief van 16,5 % op in artikel 222, 5° en 6°, vermelde meerwaarden;

4° tegen het tarief van 300 % op bedoelde niet verantwoorde kosten en voordelen van alle aard in artikel 223, 1°;

5° tegen het tarief vermeld in artikel 215, eerste lid, op in artikel 223, 2°, vermelde bijdragen, pensioenen, renten en toelagen;

6° tegen het tarief van 15 % op in artikel 224 vermelde dividenden.