Artikel 14, Wetboek van de Btw
Artikel 14 (actuele versie)
(1. De tekst van art. 14, § 6, werd ingevoegd met ingang van 01.07.2021 (Art. 5, W 02.04.2021, B.S. 13.04.2021, pg. 32957, Numac: 2021041096);
2. § 5, werd aangevuld met een lid (Art. 15, W 16.10.2022, B.S. 24.10.2022, Ed. 2, pg. 77534, Numac: 2022033779) eveneens met ingang van 01.07.2021 (Art. 16, W 16.10.2022))
§ 1. Wanneer het goed niet wordt verzonden of vervoerd, wordt als plaats van levering aangemerkt de plaats waar het goed zich bevindt op het tijdstip van de levering.
§ 2. Wanneer het goed door de leverancier, door de afnemer of door een derde wordt verzonden of vervoerd, wordt als plaats van levering aangemerkt de plaats waar het goed zich bevindt op het tijdstip van vertrek van de verzending of het vervoer naar de afnemer.
In afwijking van het eerste lid, wanneer de plaats van vertrek van de verzending of het vervoer van de goederen in een derdelandsgebied of een derde land ligt, wordt de plaats van de levering, door de persoon op wiens naam de wegens de invoer verschuldigde belasting regelmatig is voldaan, evenals de plaats van eventuele daaropvolgende leveringen, geacht in de lidstaat van invoer van de goederen te liggen.
§ 3. Ingeval het door de leverancier, door de afnemer of door een derde verzonden of vervoerde goed door of voor rekening van de leverancier wordt geïnstalleerd of gemonteerd, wordt als plaats van de levering aangemerkt de plaats waar de installatie of de montage wordt verricht.
§ 4. Ingeval de levering van goederen wordt verricht aan boord van een schip, vliegtuig of trein en tijdens het in de Gemeenschap verrichte gedeelte van een passagiersvervoer, wordt als plaats van deze levering aangemerkt de plaats van vertrek van het passagiersvervoer.
§ 5. Wanneer dezelfde goederen het voorwerp van opeenvolgende leveringen uitmaken en die goederen van een lidstaat naar een andere lidstaat rechtstreeks van de eerste leverancier naar de laatste afnemer in de keten worden verzonden of vervoerd, wordt de verzending of het vervoer uitsluitend toegeschreven aan de levering aan de tussenhandelaar.
In afwijking van het eerste lid wordt de verzending of het vervoer uitsluitend aan de levering van goederen door de tussenhandelaar toegeschreven indien de tussenhandelaar aan zijn leverancier het btw-identificatienummer heeft meegedeeld dat de lidstaat waaruit de goederen worden verzonden of vervoerd, aan hem heeft toegekend.
Voor de toepassing van deze paragraaf wordt onder "tussenhandelaar" verstaan een andere leverancier in de keten dan de eerste leverancier in de keten, die de goederen ofwel zelf verzendt of zelf vervoert ofwel voor zijn rekening door een derde laat verzenden of vervoeren.
Deze paragraaf is niet van toepassing op de in artikel 13bis bedoelde situaties.
§ 6. Indien een belastingplichtige geacht wordt goederen te hebben ontvangen en geleverd overeenkomstig artikel 13bis, wordt de verzending of het vervoer van de goederen toegerekend aan de levering die door die belastingplichtige wordt verricht.
