Artikel 25bis, Wetboek van de Btw
Artikel 25bis (actuele versie)
(De tekst van art. 25bis, § 3, werd ingevoegd met ingang van 01.01.2020 (Art. 5, W 03.11.2019, B.S. 13.11.2019, pg. 104872. Errata B.S. 27.12.2019 – Ed. 2, pg. 118384). Deze bepaling is van toepassing op de goederen die vanaf 1 januari 2020 worden verzonden of vervoerd van België naar een andere lidstaat of omgekeerd onder de regeling bedoeld in artikel 17bis van de richtlijn 2006/112/EG (Art. 11, W 03.11.2019))
§ 1. Onder intracommunautaire verwerving van een goed wordt verstaan het verkrijgen van de macht om als eigenaar te beschikken over een lichamelijk roerend goed dat door de verkoper of de afnemer, of voor hun rekening, met als bestemming de afnemer is verzonden of vervoerd naar een andere Lid-Staat dan die waaruit het goed is verzonden of vervoerd.
§ 2. Als intracommunautaire verwerving van goederen wordt tevens beschouwd, wanneer de goederen door de leverancier of de afnemer, of voor hun rekening, met als bestemming de afnemer in het binnenland, worden verzonden of vervoerd uit een andere Lid-Staat :
1° het verkrijgen van een lichamelijk roerend goed ingevolge een vordering door of namens de overheid en, meer algemeen, ingevolge een wet, een decreet, een ordonnantie, een besluit of een administratieve verordening;
2° (opgeheven);
3° de ontvangst van een goed ingevolge een verbruiklening.
§ 3. Wordt eveneens beschouwd als een intracommunautaire verwerving van goederen, het verkrijgen door de belastingplichtige aan wie deze goederen worden geleverd van de macht om als eigenaar te beschikken over een lichamelijk roerend goed verkregen onder de regeling bedoeld in artikel 17bis van de richtlijn 2006/112/EG.
