Artikel 56quater, Wetboek van de Btw
(Actuele tekst, met ingang van 01.01.2025) [historiek]
§ 1. De in België gevestigde belastingplichtige die de in titel XII, hoofdstuk 1, van Richtlijn 2006/112/EG bedoelde vrijstelling wenst te genieten in een andere lidstaat, waar hij niet is gevestigd en die die vrijstelling heeft ingevoerd:
1° richt een voorafgaande kennisgeving aan het daarvoor door de minister van Financiën of zijn gemachtigde gecreëerde elektronisch adres;
2° wordt voor de toepassing van deze regeling geïdentificeerd door middel van het in artikel 50, § 1, 1°, bedoelde btw-identificatienummer, waaraan voor de toepassing van deze regeling het achtervoegsel "EX" wordt toegevoegd.
§ 2. De in paragraaf 1, 1°, bedoelde voorafgaande kennisgeving bevat de volgende gegevens:
1° de naam, de activiteit, de rechtsvorm en het adres van de belastingplichtige;
2° de lidstaat of lidstaten waar de belastingplichtige gebruik wil maken van de vrijstelling;
3° in voorkomend geval, het totale bedrag van de in België en in elk van de andere lidstaten verrichte leveringen van goederen en/of diensten in het aan de kennisgeving voorafgaande kalenderjaar;
4° in voorkomend geval, het totale bedrag van de in België en in elk van de andere lidstaten verrichte leveringen van goederen en/of diensten in het aan de kennisgeving voorafgaande gedeelte van het lopende kalenderjaar.
§ 3. De in paragraaf 1 bedoelde belastingplichtige stelt, door middel van een actualisering van de in paragraaf 1, 1°, bedoelde voorafgaande kennisgeving, de administratie belast met de belasting over de toegevoegde waarde vooraf in kennis van iedere wijziging van de in paragraaf 2 bedoelde gegevens, met inbegrip van het voornemen om gebruik te maken van de vrijstelling in een andere lidstaat of in andere lidstaten dan die aangegeven in de voorafgaande kennisgeving en van de beslissing om de toepassing van de vrijstelling in een andere lidstaat of in andere lidstaten dan België, waar hij niet is gevestigd, te beëindigen.
De in het eerste lid bedoelde beëindiging heeft uitwerking op de eerste dag van het kalenderkwartaal volgend op de ontvangst van de door de belastingplichtige verstrekte gegevens of, wanneer die in de laatste maand van een kalenderkwartaal worden ontvangen, op de eerste dag van de tweede maand van het volgende kalenderkwartaal.
§ 4. De vrijstelling geldt ten aanzien van de andere lidstaat dan België, waar de belastingplichtige niet is gevestigd en hij van de vrijstelling gebruik wil maken overeenkomstig:
1° een voorafgaande kennisgeving, vanaf de datum waarop de administratie belast met de belasting over de toegevoegde waarde het individueel identificatienummer aan de belastingplichtige meedeelt; of
2° een actualisering van een voorafgaande kennisgeving, vanaf de datum waarop de administratie belast met de belasting over de toegevoegde waarde het nummer aan de belastingplichtige bevestigt naar aanleiding van de actualisering.
De in het eerste lid, 1° of 2°, bedoelde datum, valt niet later dan vijfendertig werkdagen na ontvangst van de in paragraaf 1, 1°, bedoelde voorafgaande kennisgeving of de in paragraaf 3, eerste lid, bedoelde actualisering van de voorafgaande kennisgeving, behalve in gevallen waarin, met het oog op het voorkomen van belastingfraude of belastingontwijking, de administratie belast met de belasting over de toegevoegde waarde de belastingplichtige in kennis stelt dat zij meer tijd nodig heeft om de noodzakelijke controles uit te voeren.
§ 5. Wanneer de belastingplichtige overeenkomstig paragraaf 3, eerste lid, de administratie belast met de belasting over de toegevoegde waarde in kennis stelt van zijn voornemen om gebruik te maken van de vrijstelling in een andere lidstaat of in andere lidstaten dan aangegeven in de in paragraaf 1, 1°, bedoelde voorafgaande kennisgeving, is hij niet verplicht de in paragraaf 2 bedoelde gegevens te verstrekken voor zover die reeds in eerdere krachtens artikel 56quinquies ingediende aangiften zijn opgenomen
