Artikel 10, Wetboek van de Btw

Artikel 10 (actuele versie)

(De tekst van art. 10, werd vervangen met ingang van 01.01.2013 (Art. 5, W 17.12.2013, B.S. 21.12.2013, ed. 2, erratum B.S. 22.01.2013))

§ 1. Als een levering van een goed wordt beschouwd de overdracht of de overgang van de macht om als een eigenaar over een lichamelijk goed te beschikken.

Hier wordt onder meer bedoeld de terbeschikkingstelling van een goed aan de verkrijger of de overnemer ingevolge een contract tot overdracht of aanwijzing.

§ 2. Wordt eveneens beschouwd als een levering van een goed :

a) de eigendomsoverdracht van een goed tegen betaling van een vergoeding ingevolge een vordering door of namens de overheid en, meer algemeen, ingevolge een wet, een decreet, een ordonnantie, een besluit of een administratieve verordening;

b) de materiële afgifte van een goed ingevolge een overeenkomst waarbij een goed gedurende een bepaalde periode in huur wordt gegeven of ingevolge een overeenkomst tot koop en verkoop op afbetaling, in beide gevallen onder het beding dat normaal het goed uiterlijk bij de betaling van de laatste termijn in eigendom wordt verkregen;

c) de overdracht van een goed ingevolge een overeenkomst tot koop of verkoop in commissie.

§ 3. De afgifte van een goed als verbruiklening en de teruggaaf ingevolge een zodanige lening worden ook als een levering onder bezwarende titel in de zin van paragraaf 1 beschouwd.