Artikel 22, Wetboek van de Btw
(De tekst van art. 22, § 4, werd ingevoegd met ingang van 01.06.1997 (Art.3, KB 27.05.1997))
§ 1. Voor diensten vindt het belastbare feit plaats op het tijdstip waarop de dienst is voltooid.
Bij doorlopende diensten die aanleiding geven tot opeenvolgende afrekeningen of betalingen, wordt de dienst als voltooid beschouwd bij het verstrijken van elke periode waarop een afrekening of betaling betrekking heeft.
§ 2. De belasting wordt opeisbaar op het tijdstip waarop de dienst is voltooid.
Wordt de prijs of een deel ervan vóór dat tijdstip gefactureerd of ontvangen, dan wordt de belasting evenwel over het gefactureerde of ontvangen bedrag opeisbaar, al naar het geval, op het tijdstip van het uitreiken van de factuur of op het tijdstip van de incassering.
Bovendien wordt de belasting of het desbetreffende gedeelte daarvan opeisbaar op het tijdstip waarop de prijs of een deel ervan volgens contract moet worden voldaan, wanneer dat tijdstip voorafgaat aan de tijdstippen die in de vorige leden zijn bepaald.
§ 3. In afwijking van § 2, kan de Koning bepalen dat voor de diensten verricht door de belastingplichtigen die geregeld diensten verrichten voor particulieren, de belasting opeisbaar wordt naarmate van de incassering van de prijs.
§ 4. In afwijking van § 2, tweede en derde lid, wordt op telecommunicatiediensten verricht na 31 mei 1997, de belasting slechts opeisbaar op het tijdstip dat het belastbaar feit zich voordoet, indien de prijs van de dienst werd gefactureerd of ontvangen vóór 1 juni 1997 of indien het contractueel bepaalde tijdstip voor de gehele of gedeeltelijke betaling van de prijs zich situeert vóór deze datum.
