Artikel 28, Wetboek van de Btw
(De tekst van art. 28, werd ingevoegd met ingang van 01.01.1971 (W 03.07.1969))
Tot de maatstaf van heffing behoren niet :
1° de sommen die als disconto van de prijs mogen worden afgetrokken ;
2° de prijsverminderingen die door de leverancier of de dienstverrichter aan de afnemer toegekend worden en die door deze laatste zijn verkregen op het tijdstip waarop de belasting verschuldigd wordt ;
3° de interesten wegens te late betaling ;
4° de kosten voor gewone en gebruikelijke verpakkingsmiddelen, indien de leverancier instemt met de terugbetaling ervan in geval van terugzending van die verpakkingsmiddelen ;
5° de sommen voorgeschoten door de leverancier of de dienstverrichter voor uitgaven die hij ten name en voor rekening van zijn medecontractant heeft gedaan ;
6° de belasting over de toegevoegde waarde zelf.
