Artikel 56ter, Wetboek van de Btw

Artikel 56ter

Art. 56ter, met ingang van 01.01.2025 [Het artikel werd ingevoegd (Art. 15, W 21.03.2024, B.S. 09.04.2024, pg. 40955, Numac: 2024002757) met ingang van 01.01.2025 (Art. 26, W 21.03.2024)]

§ 1. De in België gevestigde belastingplichtigen waarvan de jaaromzet in België niet hoger is dan 25.000 euro, kunnen de vrijstellingsregeling van belasting genieten voor de levering van goederen en diensten die zij in België verrichten.

Wanneer verscheidene personen in onverdeeldheid of in vereniging een economische activiteit uitoefenen, wordt er voor de toepassing van het eerste lid rekening gehouden met het jaarlijks totaalbedrag van de omzetcijfers die ze samen realiseren.

Wanneer echtgenoten een onderscheiden economische activiteit uitoefenen, wordt er voor de toepassing van het eerste lid afzonderlijk rekening gehouden met de activiteit van ieder van de echtgenoten, ongeacht hun huwelijksvoorwaarden.

De in het eerste lid bedoelde belastingplichtige die de vrijstellingsregeling wenst toe te passen, stelt de administratie belast voor de belasting over de toegevoegde waarde van zijn voornemen in kennis op het moment van de aanvang van zijn economische activiteit.

Wanneer evenwel uit de omstandigheden duidelijk blijkt dat aan de voorwaarden gesteld voor de toepassing van de vrijstellingsregeling van belasting niet is voldaan, wordt de belastingplichtige onderworpen aan een andere belastingregeling.

§ 2. De niet in België maar in een andere lidstaat gevestigde belastingplichtigen kunnen de vrijstellingsregeling van belasting genieten voor de levering van goederen en diensten die zij in België verrichten, wanneer de volgende voorwaarden vervuld zijn:

de jaaromzet in de Unie van de belastingplichtige bedraagt niet meer dan 100.000 euro of zijn tegenwaarde in de nationale munteenheid, berekend volgens de wisselkoers die op 18 januari 2018 door de Europese Centrale Bank is bekendgemaakt;

de jaaromzet in België bedraagt niet meer dan 25.000 euro.

Niettegenstaande artikel 292 ter van Richtlijn 2006/112/EG, opdat een in het eerste lid bedoelde belastingplichtige de vrijstellingsregeling van belasting kan genieten:

richt hij een voorafgaande kennisgeving aan zijn lidstaat van vestiging;

wordt hij voor de toepassing van de vrijstelling slechts in zijn lidstaat van vestiging onder een individueel nummer geïdentificeerd, waaraan voor de toepassing van de vrijstellingsregeling het achtervoegsel "EX" wordt toegevoegd.