Artikel 58ter, Wetboek van de Btw

Artikel 58ter

(De tekst van art. 58ter, § 1, 1° werd gewijzigd en § 3, tweede lid, 5°, werd vervangen met ingang van 01.01.2019 (Art. 13, W 11.02.2019, B.S. 22.02.2019, pg. 17992))

§ 1. Voor de toepassing van dit artikel wordt verstaan onder:

"niet in de Gemeenschap gevestigde belastingplichtige": een belastingplichtige die de zetel van zijn bedrijfsuitoefening niet op het grondgebied van de Gemeenschap heeft gevestigd noch daar over een vaste inrichting beschikt […];

"lidstaat van identificatie": de lidstaat die de niet in de Gemeenschap gevestigde belastingplichtige verkiest te contacteren om opgave te doen van het begin van zijn activiteit als belastingplichtige op het grondgebied van de Gemeenschap.

§ 2. Elke niet in de Gemeenschap gevestigde belastingplichtige die telecommunicatiediensten, radio- en televisieomroepdiensten of elektronische diensten verricht voor een niet-belastingplichtige die in een lidstaat gevestigd is of er zijn woonplaats of zijn gebruikelijke verblijfplaats heeft, mag gebruik maken van deze bijzondere regeling. Deze regeling is van toepassing op alle aldus in de Gemeenschap verrichte diensten.

§ 3. De niet in de Gemeenschap gevestigde belastingplichtige die België kiest als lidstaat van identificatie doet opgave van het begin van zijn activiteit als belastingplichtige aan het elektronisch adres dat te dien einde gecreëerd werd door de minister van Financiën of zijn gemachtigde.

Bovendien moet de in het eerste lid bedoelde belastingplichtige de volgende inlichtingen verschaffen:

naam;

postadres;

elektronische adressen, met inbegrip van websites;

in voorkomend geval, het nationale belastingnummer;

een verklaring dat hij de zetel van zijn bedrijfsuitoefening niet op het grondgebied van de Gemeenschap heeft gevestigd noch daar over een vaste inrichting beschikt.

Het BTW-identificatienummer dat aan de niet in de Gemeenschap gevestigde belastingplichtige wordt toegekend, wordt langs elektronische weg medegedeeld.

De niet in de Gemeenschap gevestigde belastingplichtige deelt langs elektronische weg elke wijziging mee met betrekking tot de verstrekte inlichtingen.

§ 4. De niet in de Gemeenschap gevestigde belastingplichtige doet langs elektronische weg opgave van de beëindiging van zijn activiteit als belastingplichtige, alsook van wijziging ervan in die mate dat hij niet langer aan de voorwaarden voldoet om van deze bijzondere regeling gebruik te mogen maken.

Het BTW-identificatienummer dat aan de niet in de Gemeenschap gevestigde belastingplichtige wordt toegekend, wordt doorgehaald indien:

de belastingplichtige meedeelt dat hij niet langer telecommunicatiediensten, radio- en televisieomroepdiensten of elektronische diensten verricht;

er anderszins kan worden aangenomen dat zijn belastbare activiteit beëindigd is;

hij niet langer de voorwaarden vervult om van deze bijzondere regeling gebruik te mogen maken;

hij bij voortduring niet aan de voorschriften van deze bijzondere regeling voldoet.

§ 5. De niet in de Gemeenschap gevestigde belastingplichtige dient langs elektronische weg een aangifte in voor elk kalenderkwartaal, ongeacht of al dan niet telecommunicatiediensten, radio- en televisieomroepdiensten of elektronische diensten zijn verricht. Deze aangifte, opgesteld in euro, wordt uiterlijk twintig dagen na het verstrijken van elk kalenderkwartaal ingediend.

Deze aangifte bevat het BTW-identificatienummer en, voor elke lidstaat van verbruik waar de BTW verschuldigd is, het totale bedrag, de BTW niet inbegrepen, van de gedurende het tijdvak waarop zij betrekking heeft, verrichte telecommunicatiediensten, radio- en televisieomroepdiensten of elektronische diensten en het totale bedrag van de belasting daarover, opgesplitst naar belastingtarieven. De geldende BTW-tarieven en de totale verschuldigde belasting worden eveneens vermeld.

De niet in de Gemeenschap gevestigde belastingplichtige voldoet de btw onder verwijzing naar de betreffende aangifte op het moment dat de aangifte wordt ingediend, doch uiterlijk bij het verstrijken van de termijn waarbinnen deze aangifte moet worden ingediend.

§ 6. De niet in de Gemeenschap gevestigde belastingplichtige voert van alle handelingen waarop deze bijzondere regeling van toepassing is, een boekhouding. Deze boekhouding moet voldoende gegevens bevatten om de belastingautoriteiten van de lidstaat van verbruik in staat te stellen de juistheid van de aangifte te bepalen.

De gegevens vervat in de in het eerste lid bedoelde boekhouding moeten langs elektronische weg ter inzage worden voorgelegd op ieder verzoek van de ambtenaren van de administratie belast met de belasting over de toegevoegde waarde alsook op dat van de ambtenaren van de bevoegde administratie van de lidstaat van verbruik.

Deze gegevens moeten worden bewaard gedurende tien jaar na afloop van het jaar waarin de dienst is verricht.

§ 7. De niet in de Gemeenschap gevestigde belastingplichtige, die van deze bijzondere regeling gebruik maakt, mag de belasting geheven van de aan hem geleverde goederen en verleende diensten niet in aftrek brengen in de in paragraaf 5 bedoelde aangifte. Niettemin kan hij de teruggaaf genieten bedoeld in artikel 76, § 2.

§ 8. De Koning bepaalt de toepassingsmodaliteiten van dit artikel, met name de na te leven formaliteiten met betrekking tot de aangifte van de verrichte handelingen, de betaling van de verschuldigde belasting, het bijhouden van een gepaste boekhouding en de teruggaaf van de voorbelasting.