Artikel 93undeciesD, Wetboek van de Btw
(De tekst van art. 93undeciesD, werd gewijzigd met ingang van 01.04.2019 (Art. 18, W 26.11.2018, B.S. 04.12.2018, p. 93842). Art. 19, W 26.11.2018: “Deze wet is niet van toepassing op het dwangbevel dat ter kennis werd gegeven of betekend werd vóór de datum van haar inwerkingtreding.”) (2)
Openbare ambtenaren of ministeriële officieren, belast met de openbare verkoping van roerende goederen waarvan de waarde ten minste 250 EUR bedraagt, zijn persoonlijk aansprakelijk voor de betaling van de belasting over de toegevoegde waarde en bijbehoren die de eigenaar op het ogenblik van de verkoping verschuldigd is, indien zij niet ten minste acht werkdagen vooraf, bij ter post aangetekende brief, de voor de eigenaar van die goederen bevoegde ontvanger ervan verwittigen.
Wanneer de verkoping heeft plaatsgehad, geldt de kennisgeving van het bedrag der belasting over de toegevoegde waarde en bijbehoren door de bevoegde ontvanger bij ter post aangetekende brief, uiterlijk daags vóór de verkoping, als beslag onder derden in handen van de in het eerste lid vermelde openbare ambtenaren of ministeriële officieren.
(2) Deze versie is niet van toepassing op het dwangbevel dat ter kennis werd gegeven of betekend werd vóór 01.04.2019 (Art. 19, W 26.11.2018, B.S. 04.12.2018, pg. 93842)
