Artikel 19, Wetboek van de Btw

Artikel 19

(De tekst van art. 19 werd gewijzigd met ingang van 01.01.1978 (Art. 9, W 27.12.1977))

§ 1. Met het verrichten van een dienst wordt gelijkgesteld de uitvoering van een in artikel 18 bedoelde handeling die tegen een tegenprestatie wordt verricht ingevolge een vordering door of namens de overheid en, meer algemeen, ingevolge de wet of een administratief reglement.

§ 2. Met het verrichten van een dienst wordt eveneens gelijkgesteld, de uitvoering door een belastingplichtige van een werk in onroerende staat :

voor eigen behoeften, met uitzondering van werk dat bestaat in de oprichting van een gebouw door een in artikel 8, § 1, bedoelde belastingplichtige ;

voor privé-doeleinden van zijn personeel en, meer algemeen, om niet of voor andere dan beroepsdoeleinden.

Voor de toepassing van dit Wetboek wordt verstaan onder werk in onroerende staat, het bouwen, het verbouwen, het afwerken, het inrichten, het herstellen, het onderhouden, het reinigen en het afbreken, geheel of ten dele, van een uit zijn aard onroerend goed, en de handeling die erin bestaat een roerend goed te leveren en het meteen op zodanige wijze aan te brengen aan een onroerend goed dat het onroerend uit zijn aard wordt.

§ 3. Ten einde ernstige ongelijkheden in de concurrentieverhoudingen te voorkomen, kan de Koning, in de gevallen en volgens de regelen die Hij bepaalt, aan de belasting onderwerpen, de uitvoering door een belastingplichtige, voor de behoeften en doeleinden als bedoeld in § 2, van andere handelingen dan het aldaar bedoeld werk in onroerende staat, die als een dienst aangemerkt zouden worden indien zijn hun oorzaak zouden vinden in een contract onder bezwarende titel.