Artikel 63bis, Wetboek van de Btw

Artikel 63bis

(De tekst van art. 63bis, derde lid, werd gewijzigd met ingang van 26.07.2018 (Art. 17, W 08.07.2018, B.S. 16.07.2018, pg. 56680))

De met de invordering belaste ambtenaren beschikken met het oog op het opstellen van de vermogenstoestand van de schuldenaar over al de bevoegdheden bedoeld in de artikelen 61, 62, § 1, 62bis en 63 om de invordering van de belasting, de interesten, de administratieve geldboeten en de kosten te verzekeren.

De bevoegdheden van de met de invordering belaste ambtenaren worden uitgeoefend zonder de machtiging bedoeld in artikel 62bis.

De adviseurs belast met de invordering van de belasting over de toegevoegde waarde kunnen, teneinde de verschuldigde belasting in te vorderen, de in artikel 322, § 3, eerste lid, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 bedoelde beschikbare gegevens met betrekking tot een belastingschuldige opvragen bij het centraal aanspreekpunt van de Nationale Bank van België zonder de beperkingen van artikel 322, §§ 2 tot 4, van hetzelfde Wetboek. De machtiging hiertoe wordt verleend door een ambtenaar met minimum de graad van adviseur-generaal.

De bevoegdheden waarover de ambtenaren bedoeld in de artikelen 61, 62, § 1, en 63, beschikken, kunnen worden toegekend aan ambtenaren van andere fiscale administraties. De Koning duidt deze administraties en, wanneer hij het nodig acht, de ambtenaren aan.