Artikel 93quater, Wetboek van de Btw

Artikel 93quater

(De tekst van art. 93quater, werd opgeheven met ingang van 01.01.2020 (Art. 25, W 13.04.2019, B.S. 30.04.2019, pg. 41412). Deze wetswijziging is niet van toepassing op het administratieve dwangbevel inzake belasting over de toegevoegde waarde dat ter kennis werd gebracht of werd betekend vóór de datum van haar inwerkingtreding (Art. 138, W 13.04.2019))

(Opgeheven bij de wet van 13 april 2019 uitgezonderd voor de gevallen bedoeld in artikel 138 van die wet) (1)

(1) Het artikel zoals van kracht vóór 01.01.2020, blijft evenwel van toepassing op het administratieve dwangbevel dat ter kennis werd gebracht of werd betekend vóór 01.01.2020.

De Wet tot invoering van het Wetboek van de minnelijke en gedwongen invordering van fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen van 13.04.2019 is niet van toepassing op het administratieve dwangbevel inzake belasting over de toegevoegde waarde dat ter kennis werd gebracht of werd betekend voor de datum van haar inwerkingtreding (art. 138, 1°); op fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen opgenomen in een kohier, een bijzonder kohier of een innings- en invorderingsregister, uitvoerbaar verklaard voor de datum van haar inwerkingtreding (art. 138, 5°); op fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen, andere dan deze waarvan de inning en de invordering verzekerd zijn in toepassing van de wet van 21 februari 2003 tot oprichting van een Dienst voor alimentatievorderingen bij de FOD Financiën, die het voorwerp hebben uitgemaakt van een in kracht van gewijsde getreden rechterlijke beslissing houdende veroordeling tot hun betaling, voor de datum van haar inwerkingtreding (art. 138, 6°).

Voor de gevallen bedoeld in art. 138, W 13.04.2019, zie: K.B. 22.06.2020 tot uitvoering van de artikelen 93ter tot 93quinquies van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde, de artikelen 412bis, 433 tot 435 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, de artikelen 35 tot 37, 43 tot 45 en 47 van het Wetboek van de minnelijke en gedwongen invordering van fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen en de artikelen 157 tot 159 en 161 van de programmawet (I) van 29 maart 2012, inzake het e-notariaat (B.S., 26.06.2020, blz. 47298 – Numac: 2019041722)