Artikel 93ter, Wetboek van de Btw
Artikel 93ter
(De tekst van art. 93ter, § 1, werd vervangen en § 1bis werd opgeheven met ingang van 01.03.2007 (§ 1, werd: - Vervangen met ingang van 01.03.2007 bij art. 5, KB 25.02.2007, B.S. 28.02.2007 – Gewijzigd met ingang van 01.04.2007 bij art. 113, W 27.04.2007, B.S. 08.05.2007, ed. 3 - Opnieuw vervangen bij art. 18, W 24.07.2008, B.S. 07.08.2008. Bij deze laatste vervanging werd o.a. de wijziging, doorgevoerd bij W 27.04.2007, gecoördineerd en de datum van inwerkingtreding terug naar 01.03.2007 gebracht))
§ 1. De notaris die verzocht wordt een akte op te maken met betrekking tot het vervreemden of het bezwaren met een hypotheek van een voor hypotheek vatbaar goed, is gehouden aan de eigenaar of vruchtgebruiker van dat goed of van een gedeelte ervan te vragen of deze een belastingplichtige of een lid van een BTW-eenheid in de zin van artikel 4, § 2, is.
Indien het antwoord bevestigend luidt, is de notaris die verzocht wordt die akte op te maken persoonlijk aansprakelijk voor de betaling van de belasting over de toegevoegde waarde en bijbehoren die tot een hypothecaire inschrijving aanleiding kunnen geven, indien hij niet op de hoogte stelt :
1° de dienst die daarvoor aangewezen is door de Minister van Financiën, zijn gedelegeerde of de bevoegde overheid, en dit door middel van een procedure waarbij informaticatechnieken gebruikt worden;
2° de door de Koning aangewezen ambtenaar wanneer het bericht omwille van overmacht of een technische storing niet kan worden meegedeeld overeenkomstig de bepaling onder 1°. In dat geval moet het bericht in tweevoud worden opgemaakt en bij ter post aangetekende brief worden verzonden.
Indien de akte waarvan sprake niet verleden wordt binnen drie maanden te rekenen van de verzending van het bericht, wordt het als niet bestaande beschouwd.
Wanneer het bericht meegedeeld is overeenkomstig het tweede lid, 1°, wordt onder de datum van verzending van het bericht verstaan de datum van ontvangstmelding meegedeeld door de dienst die daarvoor door de Minister van Financiën, zijn gedelegeerde of de bevoegde overheid is aangewezen.
Wanneer eenzelfde bericht achtereenvolgens wordt verstuurd volgens de procedures voorzien respectievelijk in het tweede lid, 1° en 2°, dan zal het bericht opgesteld overeenkomstig het tweede lid, 2°, slechts primeren indien de datum van toezending de verzendingsdatum van het bericht opgesteld overeenkomstig het tweede lid, 1°, voorafgaat.
De Minister van Financiën, zijn gedelegeerde of de bevoegde overheid bepaalt de voorwaarden en de toepassingsmodaliteiten van deze paragraaf.
§ 1bis. (opgeheven)
§ 2. De notaris die verzocht wordt een akte op te maken met betrekking tot het vervreemden of het bezwaren met een hypotheek van een voor hypotheek vatbaar goed, is gehouden aan de verschijnende partijen lezing te geven van artikel 62, § 2, en van artikel 73. Op straffe van een geldboete van 5 EUR moet uitdrukkelijke melding van die voorlezing en van het antwoord van de verschijnende partijen in de akte worden gemaakt.
§ 3. Indien de notaris nalaat de in § 1 bedoelde vraag te stellen, is hij persoonlijk aansprakelijk voor de betaling van de in die paragraaf beoogde belasting over de toegevoegde waarde en toebehoren.
