Artikel 40, Wetboek van de Btw
Artikel 40 (actuele versie)
(De tekst van art. 40, § 1, 1°bis, werd ingevoegd met ingang van 01.07.2021 (Art. 11, W 02.04.2021, B.S. 13.04.2021, pg. 32957, Numac: 2021041096))
§ 1. Van de belasting zijn vrijgesteld :
1° de invoer en de intracommunautaire verwerving :
a) van goederen waarvan de levering door belastingplichtigen in het binnenland in elk geval is vrijgesteld;
b) van goederen die een definitieve vrijstelling genieten op grond van de door de Europese Gemeenschappen uitgevaardigde reglementering;
c) (opgeheven);
d) van goederen verzonden of vervoerd vanuit een derdelandsgebied of een derde land in een andere lidstaat dan België, indien de levering van deze goederen verricht door de persoon op wiens naam de ter zake van invoer verschuldigde belasting mag of moet worden voldaan uit hoofde van artikel 52, § 1, tweede lid, vrijgesteld is overeenkomstig artikel 39bis;
1°bis de invoer van goederen wanneer de belasting moet worden aangegeven in het kader van de bijzondere regeling bedoeld in titel XII, hoofdstuk 6, afdeling 4, van de richtlijn 2006/112/EG en wanneer, uiterlijk bij de indiening van de invoeraangifte, het individuele btw-identificatienummer voor de toepassing van de bijzondere regeling, van de leverancier of van de voor zijn rekening handelende tussenpersoon, dat is toegekend overeenkomstig artikel 369octodecies van de richtlijn 2006/112/EG, aan het bevoegde douanekantoor is verstrekt;
2° de wederinvoer, door degene die de goederen heeft uitgevoerd buiten de Gemeenschap :
a) van goederen in de staat waarin ze werden uitgevoerd buiten de Gemeenschap;
b) van goederen die buiten de Gemeenschap een herstelling, een bewerking, een verwerking of een aanpassing hebben ondergaan;
2°bis de intracommunautaire verwervingen van goederen die het voorwerp hebben uitgemaakt van een overbrenging naar een andere lidstaat en in dezelfde toestand in België terugkeren;
3° de invoer van gas via een aardgassysteem of een op een dergelijk systeem aangesloten net, van gas dat van op een gastransportschip in een aardgassysteem of een upstreampijpleidingnet wordt ingebracht, van elektriciteit of van warmte of koude via warmte- of koudenetten wanneer de persoon op wiens naam de verschuldigde belasting bij de invoer mag of moet worden betaald, deze goederen heeft verworven onder de in artikel 14bis bepaalde voorwaarden.
§ 2. Van de belasting zijn eveneens vrijgesteld :
1° de levering en de verwerving van goederen die vanaf het binnenkomen in de Gemeenschap werden geplaatst onder één van de in artikel 23, §§ 4 en 5, bedoelde regelingen, met handhaving van één van die regelingen;
2° de diensten, andere dan die welke zijn vrijgesteld bij toepassing van de artikelen 41 en 42, met betrekking tot goederen die zich in België bevinden onder één van de in artikel 23, §§ 4 en 5, bedoelde regelingen.
§ 3. De Koning bepaalt de voorwaarden die voor het verkrijgen van de in de paragrafen 1 en 2 bedoelde vrijstellingen moeten worden nageleefd en kan daarbij afwijken van artikel 21bis. Voor de invoeren bedoeld in paragraaf 1, 1°, b) en 2°, kan Hij de vrijstelling beperken of, ter voorkoming van concurrentieverstoring, bepalen dat zij geen toepassing vindt.
§ 4. Onverminderd de §§ 1 tot 3, kan de Koning, om de uitvoering van internationale akten te verzekeren, alle maatregelen nemen volgens welke gehele of gedeeltelijke vrijstelling van de belasting bij de invoer van goederen wordt verleend onder de door Hem te stellen beperkingen en voorwaarden.
