Artikel 39quater, Wetboek van de Btw
Artikel 39quater (actuele versie)
(De tekst van art. 39quater, werd vervangen met ingang van 11.12.2023 (Art. 6, W 23.11.2023, B.S. 01.12.2023, pg. 111953, Numac: 2023047474))
§ 1. Worden van de belasting vrijgesteld:
1° de invoeren, de intracommunautaire verwervingen en de leveringen van goederen die worden geplaatst onder een andere regeling van entrepot dan douane-entrepot;
2° de leveringen van goederen geplaatst onder een andere regeling van entrepot dan douane-entrepot, met handhaving van die regeling;
3° de diensten andere dan die vrijgesteld bij toepassing van de artikelen 41 en 42, die betrekking hebben op goederen die het voorwerp uitmaken van de in de bepaling onder 1° bedoelde handelingen of die zich in België bevinden onder een andere regeling van entrepot dan douane-entrepot.
De in het eerste lid, 3°, bedoelde diensten die betrekking hebben op goederen die zich bevinden onder de andere regeling van entrepot dan douane-entrepot, zijn beperkt tot de handelingen die door de communautaire douanereglementering zouden toegelaten zijn wanneer deze goederen zich onder de regeling van douane-entrepot zouden bevinden.
De in het eerste lid bedoelde vrijstelling is niet van toepassing op de in het tweede lid bedoelde diensten die betrekking hebben op goederen die het voorwerp hebben uitgemaakt van een levering zonder handhaving van de andere regeling van entrepot dan douane-entrepot.
De toepassing van de andere regeling van entrepot dan douane-entrepot is, wat betreft de plaatsing van goederen onder die regeling en de diensten verricht op die goederen vóór hun plaatsing onder die regeling, onderworpen aan de uitreiking van een vergunning aan de in België gevestigde entrepothouder door de administratie belast met de belasting over de toegevoegde waarde.
§ 2. In de zin van dit artikel worden als andere entrepots dan douane-entrepots beschouwd:
1° voor accijnsproducten, de in België gelegen plaatsen die aangemerkt worden als belastingentrepots in de zin van artikel 3, punt 11), van Richtlijn (EU) 2020/262;
2° voor andere goederen dan accijnsproducten:
a) voor de goederen die bestemd zijn voor de productie of de verwerking van accijnsproducten, de in België gelegen plaatsen die aangemerkt worden als belasting- entrepots in de zin van artikel 3, punt 11), van Richtlijn (EU) 2020/262 waar accijnsproducten worden geproduceerd of verwerkt onder schorsing van accijnsrechten;
b) voor de andere goederen dan die bedoeld onder a), en die in België worden ingevoerd in de zin van artikel 23, de in België gelegen plaatsen die overeenkomstig de communautaire douanereglementering als douane-entrepot worden gedefinieerd;
c) voor de andere goederen dan die onder a) en b), de in België gelegen plaatsen erkend door de administratie belast met de belasting over de toegevoegde waarde.
§ 3. De plaatsing van goederen onder de andere regeling van entrepot dan douane-entrepot is, voor de in de zin van artikel 23 in België ingevoerde goederen, beperkt tot dezelfde goederen als deze die overeenkomstig de geldende communautaire douanereglementering onder de regeling van douane-entrepot mogen worden geplaatst.
De plaatsing van goederen onder de andere regeling van entrepot dan douane-entrepot is, voor de andere dan de in het eerste lid bedoelde goederen, beperkt tot de volgende goederen:
1° tin opgenomen onder de GN-code 8001;
2° koper opgenomen onder de GN-codes 7402, 7403, 7405, 7407 en 7408;
3° zink opgenomen onder de GN-codes 7901 en 7905;
4° nikkel opgenomen onder de GN-code 7502;
5° aluminium opgenomen onder de GN-code 7601;
6° lood opgenomen onder de GN-code 7801;
7° indium opgenomen onder de GN-codes 8112 92 en 8112 99;
8° granen opgenomen onder de GN-codes 1001 tot en met 1005, 1006 uitsluitend wat padie betreft, 1007 en 1008;
9° oliehoudende zaden en vruchten opgenomen onder de GN-codes 1201 tot en met 1207, kokosnoten, paranoten en cashewnoten opgenomen onder de GN-code 0801, alsook andere noten opgenomen onder de GN-code 0802 en olijven opgenomen onder de GN-code 0711 20;
10° zaden en zaaigoed, opgenomen onder de GN-codes 1201 tot en met 1207;
11° koffie, ongebrand, opgenomen onder de GN-codes 0901 11 00 en 0901 12 00;
12° thee opgenomen onder de GN-code 0902;
13° cacaobonen, ook indien gebroken, al dan niet gebrand, opgenomen onder de GN-code 1801;
14° ruwe suiker opgenomen onder de GN-codes 1701 11 en 1701 12;
15° rubber, in primaire vormen of in platen, vellen of strippen, opgenomen onder de GN-codes 4001 en 4002;
16° wol opgenomen onder de GN-code 5101;
17° chemische producten in bulk opgenomen onder de GN-codes in de hoofdstukken 28 en 29 en onder de GN-codes 3824 99 86, 3824 99 92, 3824 99 93 en 3824 99 96;
18° polymeren van ethyleen, in primaire vormen, opgenomen onder de GN-code 3901;
19° polymeren van propyleen of van andere olefinen, in primaire vormen, opgenomen onder de GN-code 3902;
20° polymeren van styreen, in primaire vormen, opgenomen onder de GN-code 3903;
21° polymeren van vinylchloride of van andere halogeenolefinen, in primaire vormen, opgenomen onder de GN-code 3904;
22° polyacetalen, andere polyethers en epoxyharsen, in primaire vormen; polycarbonaten, alkydharsen, polyallylesters en andere polyesters, in primaire vormen, opgenomen onder de GN-code 3907;
23° energieproducten, met uitsluiting van gas geleverd via het aardgasdistributiesysteem onder de in artikel 14bis bepaalde voorwaarden, opgenomen onder de GN-codes 2707, 2709, 2710 en 2711;
24° ethylalcohol opgenomen onder de GN-code 2207;
25° biodiesel en mengsels daarvan, opgenomen onder de GN-code 3826 00;
26° zilver opgenomen onder de GN-code 7106;
27° goud, met uitzondering van beleggingsgoud gedefinieerd in artikel 1, § 8, opgenomen onder de GN-code 7108;
28° platina, palladium en rhodium, respectievelijk opgenomen onder de GN-codes 7110 11 00, 7110 21 00 en 7110 31 00;
29° aardappelen opgenomen onder de GN-code 0701;
30° plantaardige vetten en oliën, alsmede fracties daarvan, ook indien geraffineerd, doch niet chemisch gewijzigd, opgenomen onder de GN-codes 1507 tot en met 1515;
31° ruwe tabak opgenomen onder de GN-code 2401;
32° houtpulp opgenomen onder de GN-code 4703;
33° ruwe katoen opgenomen onder de GN-code 5201;
34° witte kristalsuiker opgenomen onder de GN-code 1701 99;
35° tellurium opgenomen onder de GN-code 2804 50;
36° selenium opgenomen onder de GN-code 2804 90;
37° iridium opgenomen onder de GN-code 7110 41;
38° ruthenium opgenomen onder de GN-code 7110 41;
39° kobalt opgenomen onder de GN-code 8105;
40° bismut opgenomen onder de GN-code 8106;
41° cadmium opgenomen onder de GN-code 8107;
42° antimoon opgenomen onder de GN-code 8110;
43° germanium opgenomen onder de GN-code 8112 30;
44° halffabricaten van ijzer of van niet-gelegeerd staal, opgenomen onder de GN-code 7207;
45° gallium opgenomen onder de GN-code 8112.
De goederen die bestemd zijn om in het kleinhandelsstadium te worden geleverd, zijn uitgesloten van de andere regeling van entrepot dan douane-entrepot.
§ 4. Wanneer accijnsproducten of goederen die bestemd zijn voor de productie of de verwerking van accijnsproducten, overeenkomstig paragraaf 3 toegelaten worden tot de andere regeling van entrepot dan douane-entrepot, en worden opgeslagen of zich bevinden in een in België gelegen plaats die aangemerkt wordt als belastingentrepot in de zin van artikel 3, punt 11), van Richtlijn (EU) 2020/262, worden ze geacht zich onder de andere regeling van entrepot dan douane-entrepot te bevinden. De regeling wordt beëindigd bij de aangifte ten verbruik van de goederen voor de toepassing van de accijnsrechten of bij de daadwerkelijke uitslag van de goederen uit het belastingentrepot.
§ 5. De vrijstelling voor de in paragraaf 1 bedoelde handelingen wordt voorlopig verleend.
Deze vrijstelling wordt definitief voor de handelingen die voorafgaan aan:
1° een levering van goederen onder bezwarende titel met handhaving van de andere regeling van entrepot dan douane-entrepot;
2° de onttrekking van de goederen aan de andere regeling van entrepot dan douane-entrepot door de belastingplichtige die een in artikel 10, § 1, bedoelde levering van goederen onder bezwarende titel verricht;
3° de onttrekking van de goederen aan de andere regeling van entrepot dan douane-entrepot door hun eigenaar, los van enige handelstransactie, in het kader van hetzij een in artikel 12bis, eerste lid, bedoelde overbrenging van goederen, hetzij een vervoer of een verzending van die goederen buiten de Gemeenschap verricht door die eigenaar of voor zijn rekening.
Wanneer, los van enige handelstransactie, de goederen aan de andere regeling van entrepot dan douane-entrepot zijn onttrokken door hun eigenaar en ofwel in België blijven ofwel buiten België maar binnen de Gemeenschap worden verzonden of vervoerd door of voor rekening van hun eigenaar met het oog op een in artikel 12bis, tweede lid, 4°, 5° of 6°, bedoelde handeling of in het kader van de in artikel 12ter bedoelde regeling, wordt de belasting opeisbaar over de volgende handelingen waarvoor voorlopige vrijstelling werd verleend:
1° de handeling waarbij de goederen onder de regeling worden geplaatst door de eigenaar, evenals over de aan hem verstrekte diensten met betrekking tot die goederen, wanneer de goederen niet het voorwerp hebben uitgemaakt van enige levering onder bezwarende titel tijdens hun verblijf in het entrepot;
2° de levering van goederen aan die eigenaar, evenals de aan hem verstrekte diensten met betrekking tot die goederen, wanneer de goederen het voorwerp hebben uitgemaakt van één of meerdere leveringen onder bezwarende titel tijdens hun verblijf in het entrepot.
§ 6. Behoudens tegenbewijs, wordt eenieder die goederen onttrekt aan de andere regeling van entrepot dan douane-entrepot verondersteld ze te hebben onttrokken onder de voorwaarden van paragraaf 5, derde lid.
Behoudens tegenbewijs, worden de tekorten van goederen in het entrepot ander dan douane-entrepot, verondersteld te zijn onttrokken aan de andere regeling van entrepot dan douane-entrepot onder de voorwaarden van paragraaf 5, derde lid.
§ 7. De Koning bepaalt de toepassingsmodaliteiten van deze vrijstelling wat betreft de voldoening van de belasting in geval van regularisatie van de vrijstelling, de procedure voor de aanvraag en de uitreiking van de in paragraaf 1, vierde lid, bedoelde vergunning, de verplichtingen in hoofde van de personen die betrokken zijn bij de toepassing van deze vrijstelling en de sancties ingeval van overtreding van deze vrijstellingsregeling.
