Artikel 53octies, Wetboek van de Btw
(De tekst van art. 53octies, § 4, werd gewijzigd met ingang van 25.07.2022 (Art. 85, W 05.07.2022, B.S. 15.07.2022, pg. 56392, Numac: 2022032714))
§ 1. De Koning kan toelaten dat de door Hem aan te wijzen groepen van belastingplichtigen de in artikel 53, § 1, eerste lid, 2°, bedoelde aangifte slechts driemaandelijks, zesmaandelijks of jaarlijks indienen.
Hij kan toelaten dat de door Hem aan te wijzen groepen van belastingplichtigen, onder de door Hem te stellen voorwaarden, de in artikel 53sexies bedoelde intracommunautaire opgave slechts voor elk kalenderkwartaal indienen binnen een termijn van ten hoogste één maand te rekenen vanaf het einde van dat kwartaal.
Hij kan aan belastingplichtigen de verplichting opleggen om ieder jaar op de door Hem te bepalen wijze de administratie in kennis te stellen van het totale bedrag van de goederen die zij geleverd en de diensten die zij verstrekt hebben, in de loop van het vorige jaar, aan iedere afnemer gevestigd in een land waarmee België een verdrag tot wederzijdse bijstand inzake omzetbelasting heeft gesloten.
Hij kan andere verplichtingen bepalen om de juiste heffing van de belasting te waarborgen en om de fraude te vermijden.
§ 1bis. De Koning kan onder de door Hem vast te stellen voorwaarden toestaan en zelfs verplichten dat de in de artikelen 53, § 1, eerste lid, 1° en 2°, en 53ter bedoelde aangiften worden ingediend en dat de in de artikelen 53quinquies tot 53octies, § 1, bedoelde gegevens worden medegedeeld door middel van procedures waarbij informatica- en telegeleidingstechnieken worden aangewend.
§ 2. Elk bericht dat door de belastingplichtige of elke andere persoon onder gesloten omslag wordt verzonden aan de Federale Overheidsdienst Financiën in het kader van de toepassing van de wetgeving inzake de belasting over de toegevoegde waarde, van de bijzondere wetsbepalingen op het stuk van de belasting over de toegevoegde waarde of van de tot uitvoering ervan genomen besluiten, wordt door de administratie die de belasting over de toegevoegde waarde vestigt, gereproduceerd, geregistreerd en bewaard volgens een informatica- of telegeleidingstechniek.
Het aldus gedigitaliseerde beeld van het bericht verzonden aan de Federale Overheidsdienst Financiën, verkregen door middel van een informatica- of telegeleidingstechniek, heeft, voor de toepassing van de bepalingen van dit Wetboek, van de bijzondere wetsbepalingen op het stuk van de belasting over de toegevoegde waarde of van de tot uitvoering ervan genomen besluiten, bewijskracht voor zover het de getrouwe en duurzame kopie is van het geschrift waarvan het afkomstig is en het voorzien is van een geavanceerd elektronische zegel dat voldoet aan de eisen vermeld in artikel 36 van Verordening (EU) nr. 910/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 23 juli 2014 betreffende elektronische identificatie en vertrouwensdiensten voor elektronische transacties in de interne markt en tot intrekking van richtlijn 1999/93/EG.
In dat geval is de vernietiging van het papieren origineel toegestaan.
De Koning bepaalt welke papieren documenten moeten worden bewaard, zelfs na digitalisering.
§ 3. De gegevens van de aangiften en de inlichtingen bedoeld in de artikelen 53, § 1, eerste lid, 2°, 53ter, 53quinquies tot 53septies en 53octies, § 1bis, die door de administratie belast met de belasting over de toegevoegde waarde, fotografisch, optisch, elektronisch of volgens elke andere informatica- of telegeleidingstechniek worden geregistreerd, bewaard of weergegeven, evenals hun weergave op een leesbare drager, hebben bewijskracht voor de toepassing van de belasting over de toegevoegde waarde.
§ 4. Onverminderd de toepassing van paragraaf 3, hebben de gegevens en de stukken die de administratie belast met de belasting over de toegevoegde waarde [.....], opgesteld of verzonden in het kader van de toepassing van de wetgeving inzake de belasting over de toegevoegde waarde en die fotografisch, optisch, elektronisch of volgens elke andere informatica- of telegeleidingstechniek worden geregistreerd, bewaard of weergegeven, evenals hun weergave op een leesbare drager, bewijskracht.
